Wonen op Pyreneese broeikasbel

CO2 opbergen in de grond, kan dat? En is deze aanpak van het milieuvraagstuk betaalbaar? Het Franse energieconcern Total probeert het uit in de westelijke Pyreneeën, in Lacq. Niet iedereen daar is er gerust op.

De praktische gevolgen van een paar decennia broeikaseffect zijn eigenlijk heel overzichtelijk. Luister maar naar manager Nicolas Aimard van Total. Hij licht deze avond de plannen van de energieconcern toe in Lacq, het Franse gasveld in de westelijke Pyreneeën. Op de bijeenkomst in het dorpje Mourenx, gemeente Lacq, zijn 65 verontruste inwoners afgekomen.

Het zit zo. Duizenden jaren hebben de mensen op een gasbel gewoond waar CO2 in zat. Toen kwam de oliemaatschappij om het gas te exploiteren. En nu het gas bijna op is en de aarde te veel opwarmt, gebruiken dezelfde ondernemers dezelfde pijpen voor vervoer de andere kant op. Zij gaan broeikasgas opbergen onder de grond. Straks wonen de mensen in de Pyreneeën dus op een zuivere CO2-bel, afgesloten en bewaakt door de oliemaatschappij.

Zijn er nog vragen?

Ja die zijn er. De dorpelingen luisteren stil zolang Aimard de technische details van het project van Total uitlegt. Maar daarna branden ze los. Is CO2 eigenlijk giftig als het ontsnapt, vraagt Klaus Wolfgang, een Duitser die al jaren in Zuid-Frankrijk woont. Het antwoord: een half uur in lucht met 4 procent CO2 leidt tot onherstelbare schade. Het komt dus aan op technieken om CO2 snel te verspreiden, zodra het is ontsnapt. „Maar wij zijn ervan overtuigd dat het niet kan ontsnappen”, zegt Aimard. „Het is helemaal veilig.”

Total wil volgend jaar beginnen CO2 op te slaan in Lacq, een van de paar gasvelden in Frankrijk. Twee jaar lang bekijkt men wat de gevolgen zijn van het het ondergronds opslaan van 150.000 ton CO2. Dat is evenveel als de uitstoot van 50.000 auto’s in die periode, maar een kleinigheid vergeleken met de ruimte die er in de wereld is om CO2 ondergronds op te slaan. Zo gaat het in oude Nederlandse gasvelden naar schatting om 11 miljard ton aan bergruimte.

Het afvangen en ondergronds bergen van CO2 geldt als een soort wondermiddel tegen klimaatverandering. Van de mondiale uitstoot van CO2 kan volgens het klimaatpanel van de VN in 2050 wel 20 tot 40 procent worden opgeslagen.

Het maakt zuiniger consumeren en het zoeken naar alternatieven voor fossiele brandstoffen niet overbodig, zegt Jean-Michel Gires, directeur duurzame ontwikkeling van Total op het hoofdkantoor in Parijs.

Terwijl op Bali de mondiale klimaatconferentie gaande is, gaat elders in de wereld de zoektocht naar reservoirs verder. Hier en daar wordt CO2 al opgeslagen.

[Vervolg CO2-opslag: pagina 16]

‘Geld verdienen niet ons enige motief’

Dat gebeurt bijvoorbeeld in Noorwegen, de VS en Australië (zie: Waar in de wereld de opslag van CO2 al plaatsheeft ). Maar steeds gebeurt dat onder specifieke omstandigheden, die het moeilijk maken om wereldwijde prognoses gestand te doen, zegt Isabelle Czernichowski, deskundige in CO2-opslag bij het Franse geologisch onderzoeksinstituut BRMG telefonisch vanuit Orléans. „We weten dat er genoeg opslagruimte is voor honderden jaren energieverbruik. Maar hoe we daar gebruik van kunnen maken, dat is nog onzeker.” Daarom wordt internationaal met spanning gekeken naar de verschillende projecten die her en der worden opgezet.

Het nieuwe van dit project is dat Total er alles tegelijk gaat doen op één plaats: CO2 afvangen, transporteren en ondergronds bergen. Vooral de techniek om CO2 af te vangen is van belang. Door oxyfuelverbranding (met zuurstof) wordt de CO2 gescheiden voordat het in de lucht komt. Nu is de techniek nog erg duur: het opvangen van CO2 is drie tot vijf keer zo duur als het kopen van emissierechten voor CO2, zegt Total-directeur Gires. Waarom investeert Total dan toch 60 miljoen euro in het project? „Om te leren”, zegt hij. „En om vorderingen te maken.” Total wil de kosten van oxyfuelverbranding „in tweeën verdelen”, legt hij uit. Naar verwachting gaan emissierechten duurder worden. Na 2012 kan het opslaan van CO2 misschien goedkoper worden dan het kopen van emissierechten. Dan wordt klimaatbeheersing een winstgevende affaire voor de oliemaatschappij.

De opslag van CO2 verandert in afwachting daarvan nu al de verhoudingen in de strijd voor klimaatbeheersing. Een oliemaatschappij die inspraakavonden organiseert over ecologie, milieuorganisaties als het WNF die zich afvragen of de multinational niet te voorzichtig is en burgers die zich zorgen maken over de risico’s van ecologische vernieuwing.

De hoop geld te verdienen is niet het enige motief voor Total om zich toe te leggen op het opslaan van CO2, legt Nicolas Aimard vanavond uit aan de 65 inwoners van Mourenx. „Fossiele brandstoffen zorgen voor tweederde van de CO2-uitstoot ter wereld. Een oliemaatschappij heeft dus haar verantwoordelijkheid in het terugdingen van de uitstoot van broeikasgassen.” En de opgave is fors. Tot 2050 moet de uitstoot door vier worden gedeeld. „Kunt u zich dat voorstellen?” vraagt Aimard het zaaltje. „,Dat betekent vier keer minder auto rijden, vier keer minder vliegen, vier keer minder elektriciteit gebruiken.” Aan zuiniger consumeren en het ontwikkelen van alternatieven voor fossiele brandstoffen valt niet te ontkomen, legt hij uit. „Maar dan nog gaat het niet lukken zonder radicalere oplossingen, zoals het opslaan van CO2. Er is haast bij.”

Hoe lang moeten we wachten voordat CO2 weer is terugveranderd in minerale kolen? Hangt af van de omstandigheden, legt een door Total uitgenodigde wetenschapper uit Pau uit. Vaak een jaar of 7.000, maar het kan snel gaan. Zeg 700 jaar.

En hoe groot is de ramp als er toch ook maar iets misgaat met de opgeslagen CO2, bijvoorbeeld door een aardbeving? Dat is onderwijzeres Sylviane de Sury uit Mourenx. Zij behoort tot de mensen die het niet vertrouwen, die plotselinge ecologische bevlogenheid van een oliemaatschappij. „Ik ben ervan overtuigd dat de risico’s te veel worden gerelativeerd”, bekent zij na afloop.

Volgens sommige critici is de opslag van CO2 geen goede oplossing, ook niet in combinatie met zuiniger consumptie en de verdere ontwikkeling van energiebronnen die fossiele brandstoffen kunnen vervangen. Veel milieuorganisaties redeneren dat grotere mogelijkheden om CO2 op te slaan zullen leiden tot minder stimulans om zuiniger en schoner energie te gebruiken. Zo bestaan in verschillende landen, waaronder Nederland, plannen om nieuwe kolencentrales te bouwen, onder verwijzing naar de mogelijkheid om CO2 op te slaan. In Mourenx vertegenwoordigt Jacques Mauhourat de sceptici. Hij is expert van de grootste Franse natuurbeschermingsorganisatie, FNE. In de mogelijkheden van veilige opslag in het Westen wil hij nog wel geloven. „Maar hoe zit het met de veiligheid in landen als China, waar ongeveer elke week een nieuwe kolencentrale wordt geopend?” vraag hij zich af.

In zijn kantoor in Parijs onderstreept Jean-Michel Gires dat Total de techniek die in Lacq wordt ontwikkeld wereldwijd wil toepassen. Volgens de internationale verwachtingen kan de grote winst in CO2-reductie door industriële ondergrondse opslag van CO2 pas vanaf 2015 zijn beslag krijgen. Voor die tijd moeten industriële proeven uitsluitsel geven over de omstandigheden. Maar in afwachting daarvan worden steeds meer elektriciteitscentrales gebouwd die captageready (afvangklaar) zijn. Total probeert in Lacq de techniek te ontwikkelen om daarop in te spelen. „Straks hoeven we de installaties om CO2 af te vangen bij elektriciteitscentrales alleen nog maar in te pluggen”, hoopt hij.

Volgens Isabelle Czernichowski van onderzoeksinstituut BRGM is de volgende stap om de opslagruimtes beter te inventariseren en bestuderen. Frankrijk heeft relatief minder CO2-uitstoot doordat het land voor 80 procent op kernenergie draait. Maar juist in Frankrijk bevinden zich ook tal van oude kalimijnen die veel ruimte bieden om CO2 op te slaan. „Er is voldoende ruimte om voor enkele honderden jaren de nationale CO2-uitstoot op te vangen”, zegt zij. Er zijn vooral vragen over de bergingscondities, de kans op chemische reacties ondergronds en over de sociale acceptatie van nieuwe CO2-bellen onder de grond. Volgend jaar gaat er rond Parijs een nieuwe proef van start. „Ook dan wordt eerst de bevolking geraadpleegd”, stelt Czernichowski gerust. Total-directeur Gires ziet nog meer mogelijkheden. Als de inzameling van CO2 op voldoende grote schaal wordt georganiseerd, is vervoer tot 1.000 kilometer naar een berging geen probleem, schat hij. „Het behoort zeker tot de mogelijkheden om de CO2 van Frankrijk in de toekomst naar de oude gasvelden ten noorden van Nederland te vervoeren”, zegt hij. Milieubeschermer Mauhourat blijft sceptisch over de perspectieven die opslag biedt. „Het is volstrekt marginaal”, zegt hij na afloop van de bijeenkomst in Mourenx. „De Titanic zinkt, maar het orkest speelt door.”