Waarschuwen voor `de markt` is muisachtig

Het is verbazend hoe F. Ankersmit `de markt` ziet (Opiniepagina, 27 november). Natuurlijk `leert` het neo-liberalisme dat via de markt prijzen tot stand komen, en: hoe vrijer die markt, des te zuiverder die prijsvorming. Dus voordelig voor de consument, maar niet altijd voor de werkenden. Maar in de economische wetenschap is het een abstract begrip, dat in de reële wereld zelden voorkomt - men neemt aan dat dit slechts het geval is bij de, veelal agrarische, massa- en oogstproducten. Er bestaan zoveel beperkende regels waarbinnen die `markt` functioneren moet, dat waarschuwen daarvoor nogal muisachtig aandoet.

Ook zijn genese van `de staat` roept vraagtekens op. Voordat er een staat was, bestonden er stammen en volkjes, met een soort, soms gekozen, `bestuur`, met aan het hoofd een `rex`. Naarmate een van deze volken zich meer kon laten gelden (de Franken), ont-stond tevens een beheersapparaat van staatsdienaren, later ambtenaren genoemd. Binnen die volken en stammen waren er wetten en gebruiken en functioneerde er wel degelijk een geregelde samenleving. Pas toen er een sterke centrale autoriteit ontstond, kon sprake zijn van een staat, die aanvankelijk, volgens Adam Smith, slechts tot taak kon hebben de verdediging, de ordehandhaving binnen de poort, en rechtspraak. Dat was ook de enige legitimatie en grondslag voor belastingheffing.

Dat de verzorgingsstaat een rem heeft gezet op de groei van de staat, is zeer wel verklaarbaar: de kosten van een dergelijke staat zijn dermate hoog, dat verdere groei - zo die al wenselijk zou zijn - praktisch onmogelijk is. Door overheveling van grote problemen naar Brussel, is het dagelijks bedrijf in Den Haag minder boeiend geworden. Het is daarom nauwelijks verwonderlijk dat `de politiek` als een luchtschip boven ons dagelijks leven is geraakt. De door ons gekozen passagiers worden blijkbaar zodanig gegrepen door de problematiek binnenboords, dat contact met dagelijkse stedelijke of regionale problematiek vluchtig dreigt te worden.

Inderdaad, zonder staat kan bijna niets ons beschermen tegen onoverzienbare rampen die dreigen, zoals Ankersmit stelt. Beter gesteld: zonder supranationale instanties. Maar hoe doeltreffender daar de besluitvorming, des te minder `staat` er overblijft. En dat wil hij weer niet.