Kritiek Europese Rekenkamer op visinspecties

De lidstaten van de Europese Unie hebben geen zicht op de hoeveelheid vis die jaarlijks wordt gevangen. De inspecties die de nationale controleurs uitvoeren, schieten te kort.

Dat is de belangrijkste conclusie die de Europese Rekenkamer gisteren presenteerde na onderzoek in zes EU-lidstaten met een belangrijke vissersvloot: Denemarken, Frankrijk, Italië, Nederland, Spanje en het Verenigd Koninkrijk.

Jaarlijks vangen Europese vissers meer dan 4,4 miljoen ton vis en schaaldieren ter waarde van 6,1 miljard euro. Volgens de Rekenkamer zou het voortzetten van het huidige beleid „zware consequenties hebben” voor de visindustrie en de Europese zeeën.

Quota en vangstinspecties vormen volgens de Europese Rekenkamer de „hoeksteen” van een duurzaam visserijbeleid. Juist deze hoeksteen wankelt. „De vangstgegevens zijn noch volledig, noch betrouwbaar, waardoor de werkelijke omvang van de vangsten niet bekend is”, stelt de Rekenkamer.

De visserij-inspecteurs werken niet doeltreffend genoeg om overtredingen op te sporen of te voorkomen, aldus de Rekenkamer. Evenmin kan worden aangetoond dat elke geconstateerde overtreding consequent wordt vervolgd. De afschrikkende werking van boetes is vaak „gering”.

De Rekenkamer adviseert dat de sancties voor overtredingen worden geharmoniseerd. Dit om te voorkomen dat overtreders expres de wateren van lidstaten met relatief lage straffen op zoeken. Ook zouden de lidstaten de vangstgegevens die ze doorsturen naar de Europese Commissie eerst door een onafhankelijk instituut moeten laten controleren.

De Europese Commissie onderkent in een reactie de conclusies van het onderzoek en denkt na over „een ambitieuze hervorming” van het visserijbeleid.

De Algemene Inspectiedienst, die in Nederland de controles uitvoert, laat weten het rapport „grondig te moeten bestuderen” alvorens een reactie te geven.

Milieuorganisatie Greenpeace reageert opgetogen. „De Rekenkamer erkent dat er geen controle is op hoe en hoeveel er wordt gevist”, zegt campagneleider oceanen Farah Obaidullah. „Het is ook goed dat de Europese Commissie met voorstellen komt, maar om te beginnen moeten de huidige regels beter worden gehandhaafd.”