Kosten JSF nog altijd niet helder

De financiële problemen rond de ‘Joint Strike Fighter’ (JSF) zijn nog steeds niet opgelost. Zo is het nog onduidelijk wat Nederland zal moeten betalen voor de JSF, het Amerikaanse jachttoestel dat in de toekomst de F-16 kan gaan vervangen.

Dat blijkt uit een gisteren verschenen rapport van de Algemene Rekenkamer. Het volgt op een vorig jaar gepubliceerd onderzoek waarin kritiek werd geuit op de grote financiële risico’s rond de JSF. Het ministerie van Defensie schat vooralsnog dat het voor de 85 toestellen die het wil aanschaffen ruim 3,5 miljard euro moet uitgeven.

De Algemene Rekenkamer verwacht niet dat Defensie ooit een „accuraat” beeld van de kostprijs van de JSF zal krijgen. „Dit komt doordat het ministerie van Defensie, net als in 2006, beperkte toegang heeft tot informatie van de Amerikaanse hoofdaannemer Lockheed-Martin.”

Doordat wordt gerekend met diverse prijspeilen en valuta is het onmogelijk een goed beeld te krijgen van de kosten. Ook de participatie van tal van landen in het JSF-project maakt het lastig een volledig kostenoverzicht te krijgen. Defensie bestrijdt de verwachting van de Rekenkamer dat de volledige kosten nooit duidelijk worden.

Nederland doet sinds 2002 mee aan de ontwikkelingsfase van het gevechtsvliegtuig. In 2010 besluit het kabinet over eventuele aanschaf van de JSF. Het toestel is politiek omstreden. Coalitiepartij PvdA vindt dat Nederland ook alternatieven moet overwegen, zoals de Europese ‘Eurofighter’.