Sint is uitverkocht, maar niet te missen

Sinterklaas heeft het de laatste jaren nog nooit zo druk gehad als nu. Maar menig ouder voelt weerzin tegen de gulle gever. „Eigenlijk word ik gek van al die Sint-toestanden.”

Sinterklaas is uitverkocht. In heel Nederland is het al een maand onmogelijk om via de Sinterklaascentrale een sint in te huren voor een privébezoek op 5 december. Zo druk is het nog nooit geweest, zegt voorzitter Henk van der Kroon van de Amsterdamse en Purmerse Sinterklaascentrale (28 sinten en vele pieten). Hij begrijpt er niets van: er zijn dit jaar ook zoveel bedrijven die opeens een sint inhuren voor de kinderen van het personeel. Het zal wel goed gaan met de economie.

De voorraad mag dan op zijn, de Goedheiligman is overal aanwezig dezer dagen: op vrijwel elke basisschool, op crèches, voetbalverenigingen, in de Bijenkorf, elke dag op het Sinterklaasjournaal, loslopend in winkelcentra. En er zijn ook veel zwarte pieten actief. Zelfs in de Albert Heijn en de Hema kunnen kinderen hun schoen zetten.

Zijn er ouders die proberen hun kinderen af te schermen voor al het Sinterklaasgeweld? Heel veel, zegt Justine Pardoen, oprichter van Ouders Online, een internetcommunity van 300.000 ouders. „Op ons forum wisselen ze ergernissen en tips uit”, zegt zij. „Wat ik bijvoorbeeld niet wist is dat de Sinterklaasperiode vanaf de intocht een ware hel is voor ouders van kinderen met ADHD [aandachtstoornis en hyperactiviteit, red.]. Die kinderen zijn dan niet te houden.”

Ook kinderen die normaliter rustig zijn, behoeven in deze tijd enige bescherming, vindt Catelijne Verhoeven die twee kinderen heeft. Zij is „door schade en schande” wijs geworden en laat haar zoontje van zes jaar niet meer naar het Sinterklaasjournaal bij de NOS kijken. „Hij was vorig jaar echt ontdaan dat de Sint het Grote Boek kwijt was.” Het gezin is dit jaar ook níét naar de intocht geweest. „Het massale van die intocht bevalt me niet. Ik hou de viering liever zelf in de hand. Al die rare pieten en die enge man – het is voor kleine kinderen erg imponerend. Vorig jaar ging mijn zoontje van alle opwinding zelfs slecht slapen. De juf zei dat veel kinderen in deze periode helemaal doordraaien.”

De kinderen van Annemarie Scherpenzeel uit Castricum staan in de rij om bij de Sint op de foto te gaan in de Bijenkorf. Piet staat klaar met een camera in de aanslag. Scherpenzeel: „Dit doen we wel maar eigenlijk word ik gek van al die sint-toestanden overal. Mijn kinderen mogen hun schoen zeker niet zetten in een winkel. En ze krijgen maar drie pakjes per persoon op Sinterklaasavond.”

Verhoeven heeft meer last van de sociale druk om veel cadeaus te geven dan van de commerciële. „Ik doe niet aan impulsaankopen, ik geef liever meer geld uit aan één mooi stuk speelgoed dan aan veel prullaria. Maar ik denk weleens: krijgen ze wel genoeg, ben ik niet te zuunig? Soms zien kinderen het krijgen van cadeaus als teken van liefde, zeker in Sinterklaastijd omdat er ingehamerd wordt: als je lief bent, krijg je wat van de Sint. Logischerwijs denkt een kind dat het klasgenootje dat meer cadeaus krijgt dus liever is geweest.”

Ze krijgen genoeg. Marieke Henselmans zou dat het liefst tegen álle ouders willen zeggen, ongeacht het aantal cadeaus dat ze hun kinderen geven. Zij is columnist en auteur van Hoor wie klopt daar geld uit mijn zak? Want alleen ouders die (vinden dat ze) hun kinderen te weinig tijd en aandacht geven, zetten dat om in veel cadeaus, stelt zij. En daarom zijn weinig cadeaus juist een teken dat een kind voldoende aandacht krijgt. „Zeker tegen ouders die niet veel te besteden hebben en die vrezen dat ze hun kinderen in materiële zin tekortdoen, zou ik willen zeggen: je kinderen missen niks. Het gaat kinderen om de sfeer en de spanning van Sinterklaas. Het feit dat Piet de kamer overhoop heeft gehaald of dat de Sint een mooi gedicht heeft geschreven. Dat is veel belangrijker dan nieuw speelgoed.”