Debye en de horror van het dagelijks bestaan

Naar aanleiding van de berichtgeving over Peter Debye (NRC Handelsblad, 27 november) het volgende.

Noch Sybe Rispens, noch de samenstellers van het NIOD-rapport zijn waarschijnlijk van mijn geboortejaar (1912). Ik heb in de periode 1933-1934 in Berlijn gestudeerd aan het Kaiser Wilhelm Institut für Chemie, bij Otto Hahn. Van toen af veel contact gehouden met bevriende collega`s, zowel in de jaren dertig als na de oorlog.

Debye was directeur van het Kaiser Wilhelm Institut. Hij kende zijn joodse medewerkers, geboren en getogen in Duitsland, die zich compleet Duitser voelden. Zij konden zich niet voorstellen dat hun toevallig als Jood geboren zijn ooit tegen hen gebruikt zou worden. Debye zag aankomen dat hun uur U nabij was en dat ze snel weg moesten wezen. Zijn brief uit 1938 (met recht om 5 voor 12) speelde daarop in. Natuurlijk ondertekende hij met `Heil Hitler`, anders was hij de volgende dag afgezet en opgepakt. Van zijn generatie hebben heel wat `goede Duitsers` in kaderfuncties onder het parool ein Bischen mitmachen hun organisaties behoed voor grimmiger vormen van nationaal-socialisme. Dat parool vroeg véél: lid worden van de SA, elke woensdagavond erheen; zo zorgen dat je in je eigen instituut baas bleef over het toepassen van de nieuwe normen. Debye, die het in deze als Nederlander makkelijker had (ook om te zijner tijd zelf uit te wijken), gold in zijn Duitse periode als geestverwant van deze `goede Duitsers`.

Met geen woord verwijst uw artikel naar de onbeschrijfelijke horrorsfeer van het gewone doen in die jaren. Op grond van geschreven bronnen alleen oordelen over, laat staan veroordelen van mensen als Debye, daartoe heeft niemand recht; zeker niet 40 jaar na zijn dood, als je hem zelf niet meer kunt horen. Ik spreek bij deze voor hem.