De democraat Chávez

Het is weer eens een ander gezicht. President Hugo Chávez, die het steeds leuker leek te vinden om anderen de les te lezen of zelfs uit te kafferen, heeft het hoofd gebogen. Voor de hoogste soeverein voor wie hij het allemaal zegt te doen: voor het volk van Venezuela. Dat volk is tot veel bereid gebleken, maar niet tot een blanco cheque aan Chávez. Vooral onder zijn eigen aanhangers is de grens nu bereikt. Dat laatste is het opmerkelijkst. Want het door hem uitgeschreven plebisciet voor een levenslang presidentschap ging gepaard met bijna zeventig andere ‘leuke’ vragen over arbeidstijdverkorting, verlaging van de kiesgerechtigde leeftijd of meer politieke leiding over de centrale bank.

Toen duidelijk was dat Chávez had verloren met 51 tegen 49 procent, feliciteerde hij zijn tegenstanders meteen. Maar hij liet daar wel een dubbelzinnige politieke uitspraak op volgen. „Jullie hebben gewonnen. Ik zou zo’n pyrrusoverwinning niet gewild hebben.” Chavez, die in 1992 een mislukte coup pleegde, maar in 1998 keurig werd gekozen en zijn macht sindsdien via referenda, verkiezingen en volksmobilisatie heeft uitgebouwd, moet nu in 2012 terugtreden.

Met zijn verwijzing naar Pyrrus liet hij doorschemeren dat hij zijn socialistische project tot die tijd niet zal afremmen. Dat project is, ondanks het woord socialisme, niet links in de internationalistische zin van het woord. Het is veeleer een antwoord op de globalisering, waarin veel werknemers met beperkte of lage scholing worden teruggedrukt naar de onderkant van de maatschappelijke ladder.

Met dit volkse en anti-Amerikaanse project is hij niet uniek. Ook elders wordt anti-liberaal populisme steeds meer gecombineerd met machismo. Het verschil is wel dat Chávez regeert over een olie-exporterend land. Hij heeft geld in kas.

Die rijkdom mocht niet nu niet baten. Chávez heeft met zijn referendum gegokt en verloren. Een teken aan de wand. Een president die zich met een plebisciet tot het volk wendt en dan niet wint, is immers een slecht politicus. Hij kan die vernedering op twee manieren het hoofd bieden: in volle vaart voorwaarts of nieuwe coalities zoeken.

De eerste variant kan neerkomen op een nieuwe mobilisatie van de ‘volksmassa’s’ tegen de ‘heersende klasse’. Geweld is dan niet uitgesloten. Tot 1998 werd Venezuela beurtelings geregeerd door twee partijen, wier onderlinge verschillen alleen met een loep zichtbaar waren. Nu is er één partij die alle tegenstellingen zegt op te heffen. Zodoende is er geen democratische buffer die polarisatie kan absorberen. De laatste optie dwingt hem om zich te bekommeren om de middenklasse die hij tot nu toe amper heeft zien staan.

De vraag is of Chávez daartoe na zondag bereid is. Het antwoord daarop zal mede afhangen van de oppositie die een harde machtspoliticus met democratische middelen de pas heeft afgesneden, maar zich wel rekenschap moet geven van de machtsbasis die Chávez nog steeds daadwerkelijk heeft.

Reageren op de hoofdartikelen?Ga naar nrc.nl/commentaar