Migranten sturen 165 mld euro naar derdewereldlanden

Ontwikkelingslanden zullen dit jaar bijna 165 miljard euro ontvangen van migranten die geld terugsturen naar hun herkomstland. Met overmakingen is nu ruim twee keer zoveel geld gemoeid als met officiële ontwikkelingshulp. Wereldwijd bedragen de geldovermakingen dit jaar 217 miljard euro.

Dat blijkt uit de jongste cijfers van de Wereldbank over geldoverboekingen. De cijfers voor 2007 zijn een schatting, gebaseerd op tot dusverre beschikbare gegevens.

De nieuwste cijfers weerspiegelen alleen de overmakingen via ‘formele’ kanalen zoals banken en transactiekantoren. Indien het geld wordt meegerekend dat zijn weg vindt via ‘informele’ kanalen zoals moskeeën, belhuizen of broekzakken, dan is het bedrag „aanzienlijk” hoger, aldus de Wereldbank. Vorig jaar stroomde naar schatting ruim 200 miljard euro naar ontwikkelingslanden, bijna net zoveel als dit jaar wereldwijd wordt verstuurd via formele kanalen alleen.

Geldovermakingen bieden volgens steeds meer migratiedeskundigen en ontwikkelingsorganisaties voordelen ten opzichte van ontwikkelingshulp. Overboekingen belanden rechtstreeks bij de beoogde ontvanger en verdwijnen dus niet in bureaucratie of corruptie, zoals met ontwikkelingsgeld kan gebeuren.

De overmakingen naar ontwikkelingslanden zijn de afgelopen vijf jaar meer dan verdubbeld. Belangrijke oorzaken zijn de groeiende technische mogelijkheden om geld over te maken, waardoor transactiekosten dalen. In de Filippijnen, goed voor 11,5 miljard euro, kunnen overmakingen worden ontvangen per mobiele telefoon.

De Wereldbank benadrukt echter dat transactiekosten vaak nog erg hoog zijn. Migranten beschikken vaak niet over voldoende financiële middelen of de juiste verblijfsstatus om een bankrekening te kunnen openen. Daardoor zijn zij aangewezen op transactiekantoren als Western Union, die hoge kosten berekenen. Veel geld verdwijnt ook in informele circuits, waar het volgens autoriteiten gebruikt kan worden voor het witwassen van geld of terreurfinanciering.