‘In 2017 hebben we nieuwe Sven nodig’

Jongeren staan zelden meer op het ijs. De Nederlandse schaatsbond heeft een actieplan ontwikkeld.

Het gaat niet goed met de Nederlandse schaatsclubs. In tien jaar tijd daalde het ledenbestand van de Koninklijke Nederlandsche Schaatsenrijders Bond (KNSB) van 180.000 naar 160.000. De bond luidt de noodklok en kondigt vandaag in De Telegraaf een actieplan aan. Huub Snoep, woordvoerder KNSB, over een nepijsbaan op scholen.

Hoe verklaart u de ledendaling?

„Die daling heeft voor een groot deel met de afwezigheid van ijswinters te maken. Door de temperatuurstijging hebben we tien jaar geen natuurijs meer gehad. De laatste Elfstedentocht was in ’97 en daarna zijn er twee, drie tourtochten verreden. Tweederde van de ijsclubleden is lid wegens de tourtochten. Als die uitblijven, stappen mensen over op een andere sport. Daar komt bij dat veel jongeren niet weten hoe het is om op natuurijs te staan. De stap naar de ijsclub is daardoor groot.”

Wat behelst het actieplan?

„Om de jeugd aan het schaatsen te krijgen gaan we twintig weken lang met een nepijsbaan langs de scholen. Het voordeel is dat het synthetische materiaal iets minder glad is, waardoor de kinderen makkelijk het ijs op kunnen. De eerste reacties zijn positief. En dat is maar goed ook, want over tien jaar hebben we een nieuwe Sven [Kramer] en Ireen [Wüst] nodig.”

Is dat voldoende om het ledental van de schaatsbond op te krikken?

„Nee. Daarvoor zal ook het aantal kunstijsbanen moeten worden uitgebreid. Hoewel ons land twintig banen telt, zijn er nog veel regio’s waar mensen lang moeten reizen om er een te vinden. Die acht à negen blinde vlekken moeten snel worden opgevuld.”

In Biddinghuizen is zaterdag een vijf kilometer lange ijsbaan geopend. Daar bent u heel blij mee?

„Zeker. We kunnen nu eindelijk weer een NK korte baan organiseren. De nieuwe baan komt de schaatssport zeker ten goede.”