BHP moet betalen voor ‘nationalisering’ van Rio

Door de overname van Rio Tinto door BHP Billiton ontstaat een bedrijf dat in meerderheid Australisch is. De Australische regering komt dat niet slecht uit.

De Marandoo-mijn in het westen van Australië, waar Rio Tinto ijzererts delft. BHP Billiton heeft een vijandig bod op Rio uitgebracht. Foto AFP (FILES) This undated Rio Tinto file handout photo made available 03 August 2005 shows a worker inspecting iron ore stockpiles at the outback location of Marandoo. Anglo-Australian mining giant Rio Tinto, the target of a takeover proposal from mining rival BHP Billiton, said Monday 26 November 2007 it was poised for exceptional growth and denied receiving a counter approach from Chinese investors. RESTRICTED TO EDITORIAL USE AFP PHOTO/RIO TINTO/HO/FILES AFP

BHP Billiton wil Rio Tinto niet alleen overnemen, maar ook ‘nationaliseren’. Rio Tinto heeft vorige maand een volledig uit aandelen bestaand bod van het rivaliserende Brits-Australische mijnbouwconcern BHP Billiton afgewezen, dat het bedrijf op 150 miljard dollar (102,3 miljard euro) waardeerde.

Op grond van de voorwaarden van BHP’s oorspronkelijke bod zouden de bezitters van in Australië genoteerde aandelen van Rio Australische BHP-aandelen krijgen. De bezitters van in Groot-Brittannië genoteerde Rio-aandelen zouden een mix ontvangen van 80 procent Britse BHP-aandelen en 20 procent Australische.

BHP is al een Australische grondstoffenkampioen. Met Rio erbij zou het de onbetwiste leider worden van de hele mondiale mijnbouwsector.

Daar is de Australiërs veel aan gelegen. Het doet waarschijnlijk niet alleen de BHP-managers het water in de mond lopen, maar ook de minister-president. De vorige week gekozen Kevin Rudd spreekt vloeiend Mandarijn-Chinees en heeft de (handels-)relaties met China tot een van zijn hoogste prioriteiten gemaakt. Rudd zal een beter figuur slaan in Peking als BHP erin slaagt Rio in te lijven, gezien China’s afhankelijkheid van geïmporteerde grondstoffen – vooral de ijzererts die Rio produceert.

Van een afstand bezien is de voorgenomen ‘nationalisering’ niet eens zo heel goed te onderkennen. Zowel BHP als Rio heeft een Britse en een Australische beursnotering. Maar de realiteit is dat Australië het overwicht heeft in BHP: 60 procent van het aandelenkapitaal is van Australische origine, en zijn reeds lang dienende topman is een Australiër. Rio is meer Brits: 78 procent van zijn aandelenkapitaal is aan de Londense beurs genoteerd en zijn topman is een Brit.

Het bod van BHP is echter zodanig vormgegeven, dat het gefuseerde concern een Australisch karakter zou krijgen. Het gecombineerde aandelenkapitaal van de bedrijven is nu nog slechts voor 45 procent Australisch. Maar BHP biedt geen rechttoe rechtaan-ruil van de aandelen. Alle Australische aandelen van Rio zouden voor Australische BHP-aandelen worden ingeruild, maar 80 procent van de Britse Rio-aandelen zou worden omgezet in Britse BHP-aandelen en de rest in Australische. Daardoor zou het Australische aandeel in het totale aandelenkapitaal worden verhoogd naar 51 procent. Bovendien plant BHP daarnaast nog eens een aandeleninkoopactie ter waarde van 30 miljard dollar. Als dat hele bedrag wordt gebruikt om Britse aandelen op te kopen, zou het Australische aandeel nog verder stijgen – naar 56 procent.

Een dergelijke ‘nationalisering’ zou niet slecht zijn voor de aandeelhouders van Rio. Hoewel er voordelen verbonden zijn aan het vanuit Londen besturen van een mijnbouwgigant, zijn er ook voordelen verbonden aan het leiden van zo’n concern vanuit Australië. De helft van de bezittingen van BHP-Rio zou zich in Australië bevinden, tegen vrijwel niets in Engeland. Niettemin zou Rio het politieke profijt dat BHP ontleent aan de voorgestelde transactie moeten kunnen gebruiken als hefboom voor betere voorwaarden.

© Breaking ViewsVertaling Menno Grootveld