Fortis rolt de rode loper uit

Aan de komst van de Chinese grote broer van Fortis hangt een prijskaartje. De belegging van Ping An van 1,8 miljard euro heeft de Belgisch-Nederlandse bank een plaats gegeven op de lijst van westerse kredietverleners die steun krijgen van beleggers uit Azië en het Midden-Oosten. Door in de voetsporen van anderen te treden, blijkt Fortis met slechtere voorwaarden genoegen te hebben moeten nemen.

In tegenstelling tot een paar eerdere doelwitten van het Aziatische geld stelt Fortis in ruil voor de belegging een bestuurszetel beschikbaar. Sommige banken die eerder met Aziatische beleggers in zee gingen, zoals Standard Chartered, hebben aandeelhouders met veel grotere belangen buiten boord gehouden. Zelfs Citigroup heeft geen besuurszetel afgestaan toen het concern eerder deze week een belang van 4,9 procent verkocht aan de Abu Dhabi Investment Authority.

De Britse bank Barclays heeft China Development Bank (CDB) tot zijn bestuur toegelaten. Maar dat was omdat CDB het grootste deel van een aandelenuitgifte ter waarde van 9 miljard pond waarborgde, die nodig zou zijn geweest om een overname van ABN Amro te financieren. Uiteindelijk verloor Barclays die slag en won een consortium waarvan ook Fortis deel uitmaakte.

De Belgisch-Nederlandse bank heeft Ping An een zetel in de raad van commissarissen gegeven. En dat zonder een cent extra kapitaal te ontvangen. De Chinese verzekeraar heeft zijn aandelen gewoon op de markt gekocht. Dat is waarschijnlijk niettemin een steun in de rug van Fortis. De aandelenkoers van de bank had een geduchte knauw gekregen door de afloop van de strijd rondom ABN Amro. Als Ping An de aandelen de afgelopen twee maanden niet had gekocht, was de koersval wellicht nog erger geweest. Maar dat is niet veel in ruil voor het aan boord nemen van de Chinese grote broer.