Dutje en vooral een kop koffie zijn goed voor chauffeurs

Vermoeidheid speelt een rol bij 700 tot 1000 ernstige verkeersongelukken per jaar. foto rien zilvold gorinchem file op de a27 foto rien zilvold Zilvold, Rien

Een half uurtje slapen helpt tegen slingeren op de snelweg door vermoeidheid, maar bij oudere chauffeurs niet zo goed als bij jongere. Een kop koffie helpt nog beter, ongeacht de leeftijd. Dat concluderen Franse onderzoekers van onder meer de Clinique du Sommeil in Bordeaux (Sleep, 1 december). Voor hun onderzoek kregen ze subsidie van onder meer Peugeot, Renault en Citroën.

Vermoeidheid bij autobestuurders speelt een belangrijke rol bij naar schatting 700 tot 1000 ernstige verkeersongevallen per jaar in Nederland. De auto-industrie ontwikkelt inmiddels systemen die waarschuwen wanneer het tijd is om een (koffie-) pauze te nemen. Jonge mensen zijn veel vaker betrokken bij dit soort ongelukken dan mensen van middelbare leeftijd. De Franse slaapdeskundigen wilden weten of de maatregelen die chauffeurs moeten treffen tegen slaperigheid, ook verschillen per leeftijd.

Twaalf vrijwilligers tussen de 20 en 25 jaar en twaalf tussen de 40 en 50, maakten viermaal op vier vershillende dagen een autorit van 200 kilometer, op een lange, rechte snelweg. Eén keer overdag en drie keer tussen 2.00 en 3.30 uur ’s nachts. Voorafgaand aan de nachtrit dronken ze koffie met of zonder caffeïne of ze sliepen een half uur in de auto. Tijdens de rit werd de chauffeur in de gaten gehouden door een rij-instructeur en een videocamera filmde de weg.

Op de video-opnames werd geteld hoe vaak de wielen van de auto’s onnodig over de lijnen van de rijbaan kwamen, een maat voor verminderde alertheid van de chauffeur. Het verschil tussen overdag en ‘s nachts was enorm: overdag gebeurde dat vrijwel niet, ’s nachts rond de 75 keer per chauffeur. Door een kopje decafé ging driekwart van de ouderen beter rijden en een kwart van de jongeren. Na een kop echte koffie, met zo’n 200 milligram caffeïne daarin, namen de lijnoverschrijdingen bij de ouderen met 90 procent af en bij de jongeren met 75 procent. Een half uurtje slapen was minder effectief, met name voor de ouderen. Daar nam het risico op lijnoverschrijdingen 23 procent af, maar bij jongeren 66 procent. De jongeren sliepen dan ook langer en dieper tijdens zo’n hazeslaapje.

Sophie Broersen