Wacht u voor de postbode

Zelden liep de markt zo overtuigd vooruit op een Amerikaanse renteverlaging als de afgelopen week. Zelden was de financieel-economische situatie in de VS ook zo mistig als nu. Waarom wordt de verwachte beslissing door de Federal Reserve om de rente te verlagen met een kwart procentpunt tot 4,5 procent dan toch gezien als een hamerstuk? Er zijn tal van tekenen die wijzen op naderend onheil. De meest recente signalen zijn een daling van de huizenprijzen met 4 procent op jaarbasis, en een nieuwe dip van het consumentenvertrouwen.

Het probleem is dat daar in de alledaagse werkelijkheid nog weinig van te merken valt. De economische groei in het derde kwartaal wordt verwacht binnen te komen op een nog steeds uitstekende 3,1 procent. De beursindices op Wall Street staan vlak onder hun records.

Zo bezien is een renteverlaging nogal prematuur. Waarom zou Fed-voorzitter Bernanke er dan toch voor kiezen? Antwoord één: hij kan al niet meer terug zonder de markten te ontwrichten. Antwoord twee: hij weet iets wat wij niet weten. Het is al het hele jaar onzinnig gebleken om de hevigheid van de kredietcrisis af te willen lezen aan de aandelenkoersen. Dat geldt ook nu: de waarde van de meest gewraakte kredietinstrumenten, de collateralised debt obligations, daalt volgens de ABX-indices nog steeds. En in Europa is bijvoorbeeld de Itraxx-index voor de verzekering van obligaties van de minst kredietwaardige ondernemingen al weer twee weken terug op zijn alarmerende stand van juli dit jaar. De kredietcrisis leeft nog steeds, en het meest verontrustend is dat een Amerikaanse renteverlaging nauwelijks zal helpen. De marktrentes luisterden nauwelijks naar de neerwaartse rentestap van september. Waarom zouden ze dat ditmaal wel doen?

Banken vertrouwen elkaar nog steeds niet, de omvang van slechte leningen in het banksysteem is nog immer onduidelijk. En het is even lastig als voorheen om een waarde toe te kennen aan allerlei exotische, complexe financiële instrumenten die op of buiten de balans van hedgefondsen en banken staan.

De sector zelf heeft sinds kort een reden te meer om de vuile was binnen te houden. Zakenbank Merrill Lynch kwam vorige week naar buiten met een enorm boekhoudkundig verlies van 8 miljard dollar, en topman Stan O’Neal kon meteen vertrekken. Dat maakt anderen niet happig om eenzelfde openheid te betrachten. Zo begint de sector te lijken op een huishouden in financiële problemen dat de post van lieverlee maar niet meer openmaakt. Want als je het niet ziet, dan is het er niet.

Maarten Schinkel