Spinazie-gnocchi met bruine boter

Gnocchi zijn Italiaanse deegballetjes, meestal gemaakt van aardappel. Deze gnocchi hebben ricotta en spinazie als basis, wat ze veel lichter maakt. De nootmuskaat die je aan tafel over de gnocchi raspt geeft er net even een spannend smaakje aan.

Was de spinazie twee of drie keer in ruim koud water en verwijder de dikke stelen. Je houdt dan zo’n 200 gram over. Breng de blaadjes met aanhangend spoelwater aan de kook in een grote pan en laat ze in 2-3 minuten slinken. Stort de spinazie in een vergiet en laat goed uitlekken; druk er met een vuist zoveel mogelijk vocht uit. Hak de spinazie zo fijn mogelijk.

Klop in een grote kom het ei los met de ricotta. Voeg de gepureerde spinazie en de helft van de geraspte kaas toe en meng goed. Voeg nu een handje van de bloem toe en meng het door de ricotta. Herhaal dit tot alle bloem op is en het ricottamengsel een stevig, zij het wat plakkerig deeg is geworden. Het kan zijn dat je iets meer nodig hebt dan 120 gram.

Proef het mengsel en maak het op smaak met zout en versgemalen zwarte peper. Bestuif nu je handen telkens met wat bloem en draai balletjes van het mengsel met een grootte die ergens tussen een knikker en een walnoot zit.

Leg de gnocchi op een groot bord en laat ze een half uurtje opstijven in de koelkast. Breng in een grote pan royaal gezouten water aan de kook. Smelt intussen de boter in een steelpannetje, draai het vuur laag en laat hem mooi hazelnootbruin kleuren. Laat, zodra het water kookt, een derde deel van de gnocchi erin vallen en kook ze in ongeveer vier minuten gaar.

Schep ze met een schuimspaan uit de pan, laat ze goed uitlekken en doe ze in een (liefst voorverwarmde) schaal. Schud er een eetlepel van de bruine boter door, zodat ze niet aan elkaar gaan plakken. Dek de schaal af, zodat de gnocchi warm blijven terwijl je de rest kookt. Schep de gnocchi om met de boter en rasp er aan tafel flink wat nootmuskaat over. Geef de rest van de geraspte kaas er apart bij.