Renteverlaging in VS verwacht

De Amerikaanse centrale bank beslist vandaag of het belangrijkste rentetarief wordt aangepast. Sommige financiële partijen hopen dat, andere vrezen voor een beloning voor slecht gedrag.

Waartoe is de ‘Federal Reserve’ op aard? Ten behoeve van aandeelhouders of voor het draaiende houden van de Amerikaanse economie?

Dat is de vraag waarop analisten en beleggers aan de ene kant, en economen aan de andere, later vandaag een antwoord hopen te krijgen. De centrale bank maakt bekend of het belangrijkste rentetarief onveranderd blijft of, zoals analisten verwachten, verlaagd wordt. Wall Street wacht de uitkomst met spanning af, de onzekerheid leidde gisteren tot dalende koersen.

De centralebankbestuurders die vandaag onder leiding van president Ben Bernanke stemmen over het belangrijkste rentetarief laten zich tijdens hun tweemaandelijkse bijeenkomst niet zien, en doen al helemaal geen uitlatingen voorafgaand aan de bekendmaking. Het is daarom gissen of, en zo ja welk, rentebesluit de bank neemt.

Sommigen op Wall Street denken desondanks de uitkomst te kunnen voorspellen. Beleggers gingen de laatste dagen uit van een renteverlaging van een kwart procentpunt, zo blijkt uit gegevens over investeringsgedrag van beleggers, verzameld door financiële nieuwsdienst Bloomberg. De kans op een verlaging van een kwart procentpunt is 69 procent, geen verandering wordt ingeschat op 11 procent. Een half procentpunt is ook mogelijk. Dat deed de bank op de vorige bijeenkomst, in september, na een maand van door de krediet- en hypotheekcrisis aangejaagde koersverliezen op de financiële markten overal ter wereld.

Beleggers, van Wall Street tot Euronext in Amsterdam, lijken op korte termijn het meeste gebaat bij een ingreep. Lagere rentetarieven verlagen de kosten van lenen (ook voor consumenten), maken zakendoen goedkoper, jagen de economie aan.

Zonder financiële markten ongeruster te maken dan ze al zijn, concentreert de Federal Reserve zich in de eerste plaats op de stand van de Amerikaanse economie. Die draait op dit moment nog voorspoedig, maar er valt ook wat voor te zeggen dat er een recessie voor de deur staat.

Eerst die laatste school. Economen wijzen op de inzakkende woningmarkt (de huizenprijs was in augustus 5 procent lager dan in dezelfde periode vorig jaar, zo werd gisteren bekend, de grootste daling van de laatste vijftien jaar). In reactie daarop neemt het consumentenvertrouwen af, bevestigde onderzoeksbureau Conference Board gisteren opnieuw. Dat vertrouwen daalt deze maand voor de derde keer op rij, en staat op het laagste punt in twee jaar.

Die twee economische factoren zijn elkaars overtreffende trap: de huizen- en bouwsector is goed voor 10 procent van de Amerikaanse economie. Maar zodra die economische angst overslaat op consumenten, zodra ze zich minder welvarend voelen en de rem zetten op andere aankopen, komt nog eens 70 procent van de totale Amerikaanse economie in het gedrang.

Dan de tegenpartij. Positief ingestelden zeggen dat het allemaal juist meevalt. Zij wijzen op wat economen de fundamentals noemen, de pijlers van de economie. De werkloosheid in de VS is met 4,5 procent lager dan in grote delen van de Europese Unie, en met de geschatte economische groei is, na een eerdere dip, met 3 procent in het derde kwartaal weinig mis. De inflatie is volgens de centrale bank misschien te hoog, maar met 1,3 procent in het tweede kwartaal nog altijd niet meer dan een relatief punt van zorg. En ondernemingen draaien goed.

Die prestaties van het bedrijfsleven verdienen een kritische beschouwing. Beeldbepalende Amerikaanse concerns – Coca-Cola, Procter & Gamble, Microsoft – die op wereldschaal opereren, hebben de afgelopen weken positieve kwartaalresultaten gepresenteerd. De groeiende wereldeconomie is hun goed gezind, exporten nemen toe, omzetcijfers stijgen. Tegelijkertijd zien bestuurders van ondernemingen die voornamelijk van de binnenlandse Amerikaanse markt afhankelijk zijn, het somber in en gebruikte een enkeling zelfs het gevreesde „R-woord”: recessie. De onheilstijdingen begonnen bij de door de kredietcrisis getroffen financiële sector en de bouw, en is inmiddels uitgekomen bij winkelketens die hun omzet zien teruglopen. Van doe-het-zelfgigant The Home Depot tot warenhuisconcern Macy’s.

Als de Federal Reserve vandaag beslist de rente te verlagen, brengt dat risico’s met zich mee. De centrale bank heeft als taak de inflatie te beteugelen, terwijl een verlaging het tegenovergestelde effect heeft. Bovendien kan een verlaging opgevat worden als beloning voor slecht gedrag. Banken hebben meer risico’s op de kredietmarkt genomen dan ze aankonden, beurskoersen daalden daarop. Een renteverlaging heeft in de regel juist een een opstuwend effect.

Of het besluit van vandaag juist de markten of de economie zal helpen, de tweedaagse vergadering bevat buiten dat voor elk wat wils. Op de agenda staat namelijk ook het communicatiebeleid van de centrale bank. Meer openheid en duidelijkheid is het doel. In ieder geval kan het gebruikelijke giswerk over renteaanpassingen daarmee teruggedrongen worden.