Onvergetelijke meisjesvriendschap ontleed tot op het bot

4 luni, 3 saptamini si 2 zile. (Vier maanden, drie weken en twee dagen). Regie: Cristian Mungiu. Met: Anamaria Marinca, Laura Vasiliu, Vlad Ivanov. In: 12 bioscopen.

4 luni, 3 saptamini si 2 zile (Vier maanden, drie weken en twee dagen) van Cristian Mungiu is sinds hij dit voorjaar de Gouden Palm in Cannes won vaak geafficheerd als ‘die Roemeense abortusfilm’. Die omschrijving doet de film schromelijk tekort. Net als de kritiek van het Vaticaan, waar ze door hun roomse bril in deze film een pleidooi voor abortus zagen. Niets is minder waar.

Vier maanden, drie weken en twee dagen is een film over vriendschap. En hij is volmaakt. In de rijke competitie van Cannes was hij een onomstreden winnaar. Zelden krijg je een film te zien – en vooral té zelden in de Nederlandse bioscoop – waar vorm en inhoud zo perfect in harmonie zijn als hier.

Mungiu heeft zijn verhaal als een plagge uit het leven van studenten Otilia en Gabitsa gesneden. De film beslaat slechts één dag uit hun leven, ergens in de jaren tachtig. Het snijvlak is zo scherp dat het begin van de eerste dialoog is weggevallen en dat het eind van de film ons ongerust over de afloop achterlaat. Wij zijn maar heel even getuige van het leven van deze twee meisjes en daarna zijn ze weer aan elkaar en hun eigen wereld overgeleverd.

Het camerawerk versterkt die inhoudelijke keuze. De kaders zijn vaak vast, waarbij de camera zich niet verroert als zich buiten zijn gezichtsveld iets afspeelt. Net zoals de tijd voor en na de film scherp zijn afgesneden, is de handeling binnen het kader scherp afgesneden. Veel teksten komen van buiten het kader tot ons. Het geeft, hoe vreemd het ook klinkt, de film een soort rust. Het is in ieder geval een bewijs van de trefzekerheid van de regisseur, die zich zo goed concentreert op het allerbelangrijkste wat hij wil zien en horen, dat hij zich niet laat afleiden door mogelijk interessante bijzaken.

„Okee, bedankt.” Dit zijn de eerste woorden die we horen. Off screen, de camera staat gericht op een aquarium en een brandende sigaret. Als hij zijn blik verplaatst naar een ander deel van de kamer, blijken zich hier twee meisjes te bevinden van wie de donkere Gabitsa net een telefoontje afrondt dat haar zichtbaar verontrust.

We zien en horen in een kordaat tempo – de film duurt nog geen twee uur en is opgebouwd uit een gering aantal scènes – waar het om gaat. Gaby is zwanger en wil een abortus, en Otilia heeft dat voor haar geregeld. In een hotelkamer in hun woonplaats komt een man met de omineuze naam meneer Baby de onder dictator Ceausescu illegale ingreep uitvoeren. Hij merkt alleen bij binnenkomst dat de meisjes te weinig geld bij zich hebben. Er moet dus iets anders geregeld worden.

Het is moeilijk te beslissen welke van de weinige scènes in de film de beste is, maar die in de hotelkamer is doorslaggevend voor het gevoel dat de film oproept. Hier worden Otilia en Gaby met een brutale nonchalance voor een ijzingwekkende keuze gesteld. Niets zal daarna nog hetzelfde zijn voor ieder van hen, en voor hen samen.

De hevigheid van deze scène geeft alle daaropvolgende hun lading, of het nu gaat om een wandeling door de straten of om een verjaardagsvisite. Vooral die visite is onvergetelijk en hierin bewijst Mungiu misschien nog wel meer zijn meesterschap dan in de hotelkamer.

Otilia – gespeeld door Anamaria Marinca die even goed de hoofdprijs in Cannes had verdiend als haar regisseur – laat haar vriendin achter in de hotelkamer, omdat zij nog moet uitslapen van de ingreep. Otilia is namelijk door haar vriendje onder druk gezet om bij hem thuis de verjaardag van zijn moeder te komen vieren. Dus gaat ze. En wij zijn ons met haar bewust van de situatie: Gaby die bijkomt in een lege hotelkamer, zij in een huiskamer waar de schoonfamilie haar gijzelt in gezelligheid.

Mungiu werkt hier op vele niveaus, en overal slaagt hij. Hij geeft een beeld van de verhouding tussen Otilia en haar vriendje Adi. Adi heeft een intellectuele achtergrond, zij niet – en dat ongemak voelen wij met haar. Intussen verstrijkt de tijd in ijdel gepraat. Door de camera strak op Otilia gericht te houden en in het kader net niet alle personen op dit feestje te laten zien, maar wel hun gebabbel te laten horen, worden wij even gek als zij. Hoe komen wij hier in hemelsnaam vandaan? Ze hoort de telefoon gaan – is dat Gaby? Maar ze durft niet op te staan. De tijd verstrijkt. Mungiu hoeft daarvoor geen kunstgrepen te gebruiken als de wijzers van een klok, of overvloeiers, nee. Hij blijft kijken naar Otilia en laat alle gepraat van de gasten van begin tot eind horen. Het effect is weergaloos.

In deze scène word je je ook nog eens bewust van het meesterlijke spel van de acteurs. De dialogen verlopen in een constante, natuurlijke stroom. En naast de twee meisjes (Marinca en Laura Vasiliu als Gaby) valt ook Vlad Ivanov op als Mr. Bebe. De abortuspleger die hij gestalte geeft, is van een onwaarschijnlijke kilte. De woede waarin hij ontsteekt als hij hoort dat er te weinig geld is, is qua griezeligheid nog niets vergeleken met de professionele nonchalance waarmee hij zijn ingreep vervolgens voorbereidt.

Het einde is hartverscheurend en abrupt. De ober komt in het restaurant van het hotel met een bord orgaanvlees. Weet je wat we doen, zegt Otilia, we praten hier nooit meer over.

Zou het helpen? Zou het ooit goed komen tussen deze meisjes? Mungiu heeft de vriendschap tot op het bot uitgebeend in twee uur tijd. We hebben de pieken en de dalen ervan gezien en nu moeten wij met ze verder. We kunnen ze nooit meer vergeten.

Zie ook op nrc.nl/film een interview met actrice Anamaria Marinca.