Geen meerderheid voor ingrijpen in Irak destijds

Elsbeth Etty suggereert dat er wel wat voor te zeggen viel dat Bush/Washington zich niets aantrok van het gebrek aan mandaat terzake van de Veiligheidsraad van de VN (Opiniepagina, 18 oktober). Immers, aldus Etty, kan men onder bepaalde omstandigheden handhaving van de internationale rechtsorde niet afhankelijk maken van een door veto`s te blokkeren Veiligheidsraad.

Daargelaten het op zichzelf debatabele van deze argumentatie, was het pijnlijke voor de regering-Bush nou juist dat zich begin 2003 - voorafgaande aan de unilaterale inval in Irak - in de Veilgheidsraad geen meerderheid voor een militair ingrijpen in Irak aftekende.

Daarentegen bleek een meerderheid van de leden van de Veiligheidsraad ook, of juist, na de omstreden toespraak van Powell (en de toespraak van de Fransman de Villepin) vooralsnog voorstander van voortzetting der inspecties in Irak naar wapens voor massavernietiging. Dit betrof Frankrijk, Duitsland, Chili, Mexico, Rusland, China, Pakistan en Syrië. Slechts Groot-Brittannië, Spanje en Bulgarije stelden zich onverkort achter de VS op.

Dit was dan ook de reden waarom Kofi Annan zich zeker genoeg voelde om de inval in Irak sedertdien meermalen als illegaal te bestempelen.