Verschoning notarissen ingeperkt

Het Openbaar Ministerie in Rotterdam mag van de Hoge Raad een deel van de administratie van drie Rotterdamse notariskantoren openen. Hiermee perkt de raad het verschoningsrecht van notarissen in.

Door de toestemming van ’s lands hoogste rechtscollege kan een gerechtelijk vooronderzoek naar oplichting en bedrog door notarissen bij frauduleuze vastgoedtransacties beginnen. De te onderzoeken stukken, vooral transportakten, werden in 2005 in beslag genomen bij een onderzoek naar oplichting van fiscus en banken met onroerend goed. Na protest van de betrokken notariskantoren lagen ze verzegeld in de kluis van de Ring van Notarissen in Rotterdam. De notariskantoren worden verdacht van medeplichtigheid aan fraude en valsheid in geschrifte bij vastgoedtransacties voor een beruchte Rotterdamse huizeneigenaar.

De Hoge Raad besliste vanochtend dat in „zeer uitzonderlijke omstandigheden” het verschoningsrecht van notarissen doorbroken mag worden. Het Openbaar Ministerie moet hen dan officieel als verdachte aanmerken. De Hoge Raad zegt er met nadruk bij dat het moeilijk is die ‘omstandigheden’ in een algemene regel samen te vatten. In dit geval kon „de waarheidsvinding niet op een minder ingrijpende wijze worden gediend” dan door inbeslagname.

Notarissen hebben een wettelijk verschoningsrecht en geheimhoudingsplicht. Contacten met hun klanten zijn vertrouwelijk en ze hoeven niet te zeggen welke transacties ze voor wie uitvoeren.

In de zaak waarin nu het vooronderzoek kan beginnen gaat het om drie Rotterdamse notariskantoren en één individuele notaris. Deze werkten veel voor de firma Eljawa van twee Hindoestaanse onroerendgoedhandelaren. In 2005 werden deze broers, Ali en Leo J., gearresteerd op verdenking van hypotheekfraude, belastingontduiking, oplichting (van banken) en bedreiging. De notarissen worden verdacht van valsheid in geschrifte, belastingmisdrijven en deelneming aan een criminele organisatie van oplichters. De notarissen zouden zich hebben gespecialiseerd in constructies om belasting te ontduiken.

Uitspraken: rechtspraak.nl zaaknummers 03394/06B, 3395/06B en 3396/06B