Hoe verleidende beelden onbewust misleiden

Van Che Guevara met Nike-logo tot het ‘advies’ van Diesel om urine te drinken.

Eye Opener kent minpuntjes, maar laat je wel stilstaan bij de dwingende macht van beeld.

Op het eerste oog is het een gewoon verbodsbord: de bekende rode cirkel met een streep erdoorheen. Maar hier wordt niet verboden te roken of afval weg te werpen. Het bordje toont een figuur met gefronste wenkbrauwen en de armen over elkaar. Do not hold grudges (koester geen wrok), is de begeleidende tekst. Daarnaast een breedlachend figuur: het gebod Have fun.

De ge- en verbodsborden zijn van de Amerikaanse ontwerper True. In de jaren negentig stickerde hij de New Yorkse metro ermee vol, om commentaar te leveren op de iconografie van verbodsbepalingen die iedereen kent. De stickers maken nu deel uit van de expositie Eye Opener in het Haagse Museum voor Communicatie, een tentoonstelling die de bezoeker wil confronteren met welbekende beeldtaal en hem er over wil laten nadenken.

Dat is een mooi streven. We zijn immers zo gewend aan reclame, logo’s en andere beeldinformatie die dagelijks op ons afkomt dat we die nauwelijks meer zien. Eye opener probeert beelden bij elkaar te brengen die meer zeggen dan alleen ‘koop me’, maar ook ingaan op maatschappelijke problemen. De selectie moet de kijker bewust maken van de intentie waarmee de vormgever het beeld heeft gemaakt. Soms zijn het reclames met een opvallende twist (de verkiezingsposter van de SP, met het sterretje dat verwijst naar het communistische verleden), dan weer heeft een ontwerper een gekke draai gegeven aan bestaande reclame (door Che Guevara een Nike-logo op zijn baret te geven). De samensteller, designcriticus Max Bruinsma, heeft de beelden ondergebracht in drie thema’s: verleiden, informeren en engageren.

Onder het kopje Verleiden blijkt de expositie zeer verschillende beelden te scharen. Aan de ene kant vallen er parodieën op bekende reclame-uitingen onder. Zo is de bekende poster van iPod, waarop het silhouet van het dansende meisje met een wit draadje naar haar oor, vervangen door het silhouet van een gevangene van Abu Ghraib, met een kap over zijn hoofd en witte draadjes aan zijn handen. iRaq, staat erbij.

Aan de andere kant bevat Verleidden originele reclamecampagnes, zoals een serie van cosmeticamerk Dove met ‘gewone vrouwen’. Ook is er de controversiële fotoserie die bureau KesselsKramer in 2004 maakte voor jeansmerk Diesel. Daarop is een vrouw met poppengezicht te zien met een glas in haar hand en het opschrift Save yourself, drink urine.

De expositie Eye Opener wil dat we zelf nadenken over de beelden en vraagt daarom op een muur in grote letters: hoe en waartoe worden wij nu eigenlijk verleid? Toch beantwoorden de samenstellers die vraag voor de zekerheid zelf maar op de bordjes bij elk expositiestuk: „De campagne verleidt, omdat ze suggereert dat haar publiek intelligent genoeg is niet voor leugenachtige verleiding te vallen”, is de uitleg bij de Dieselposter. Dat is jammer, want het effect van je eigen reactie op de reclame – en kunstuitingen die van reclamebeelden gebruikmaken – wordt daardoor tenietgedaan.

Ander minpuntje aan de tentoonstelling is dat soms ambivalente keuzes zijn gemaakt. Waarom valt de beroemde foto van fotograaf Oliviero Toscani van de bebloede kleding van een in de Balkanoorlog gesneuvelde soldaat onder het thema Verleiding, en de foto van diezelfde fotograaf waarop een familie afscheid neemt van een aidspatiënt onder het thema Engagement? Beide foto’s maakten deel uit van dezelfde ‘realitycampagne’ voor kledingmerk Benetton.

Ondanks die bezwaren slaagt Eye Opener er wel in de bezoeker stil te laten staan bij de invloed van beeld. Bovendien laat het zien hoe informatiedesign niet alleen wordt gebruikt als verkoopmiddel, maar ook om geëngageerde uitspraken te doen. En dat soms zelfs tegelijkertijd.

Eye Opener is nog tot en met 2008 te zien in het Museum voor Communicatie in Den Haag. Ook te zien zijn de tentoonstellingen Briefgeheim en Respect the Mailman. Kijk voor meer info op www.muscom.nl