Facebook is nog niet klaar voor de beurs

Facebook heeft vorige week 240 miljoen dollar (167 miljoen euro) van Microsoft in de wacht weten te slepen. En wellicht haalt het bedrijf nog eens twee maal zoveel binnen van andere beleggers, waaronder hedgefondsen en private-equityfirma’s. Een financieringsoperatie van dit formaat vindt doorgaans plaats op de kapitaalmarkten en niet via een rondgang langs durfkapitalisten. Hetgeen tot de vraag leidt waarom de socialenetwerksite niet naar de beurs is gegaan.

Het antwoord raakt de kern van Facebooks verbluffende succes bij het aantrekken van nieuwe gebruikers. Facebook heeft de toon gezet bij het paaien van externe softwareontwikkelaars. Dat zijn de mensen – uiteenlopend van tweedejaarsstudenten van Stanford die vanuit hun studentenkamertjes werken, tot door durfkapitalisten gefinancierde beginnende bedrijfjes met tafelvoetbalspellen in hun lobby’s – die de hippe applicaties ontwikkelen die van Facebook zo’n populaire website maken.

Er zijn nu zo’n 6.600 van deze toepassingen – voor het merendeel stukjes communicatiesoftware – en de gebruikers van Facebook hebben die al bijna honderd miljoen maal gedownload. Maar het merkwaardige is dat Facebook weinig of helemaal geen controle heeft over deze software van derden. Dat is niet zonder betekenis. Het risico bestaat dat naarmate deze applicaties belangrijker worden voor de website, Facebook het vermogen verliest om zijn eigen toekomst vorm te geven.

Want: als een bepaalde toepassing enorm populair wordt, wat zou haar ontwikkelaars er dan van weerhouden om naar MySpace te verhuizen of zichzelf aan Yahoo te verkopen? Google is al bezig Facebook-ontwikkelaars ertoe aan te zetten over te stappen op Orkut, Googles eigen sociale netwerk. Google beschikt al over een hele verzameling applicaties om het gebruikersverkeer te bevorderen – zoals Gmail, Google Maps en YouTube. Maar in tegenstelling tot Facebook heeft het bedrijf deze applicaties allemaal zelf ontwikkeld, met uitzondering van YouTube.

En wat gebeurt er als een applicatie – zoals Top Friends, dat zich al op 3 miljoen gebruikers beroemt die hun vrienden op de website een cijfer kunnen geven – er wel in slaagt verkeer aan te trekken, maar haar ontwikkelaars geen cent wijzer maakt? Wat zou deze mensen er dan van weerhouden hun creatie op te doeken en een baantje te nemen achter de bar van het lokale koffiehuis?

Facebook kan deze risico’s kleiner maken door een belang in veelbelovende ontwikkelaars te nemen of ze domweg uit te kopen. De noodzaak om dat te doen verklaart meer dan wat dan ook de behoefte aan een kapitaalinjectie door Microsoft en andere investeerders. Een beursgang zou wellicht meer hebben opgebracht. Maar zonder een duidelijke handleiding voor de omgang met zijn groeiende schare aan externe softwareontwikkelaars, is Facebook er nog niet klaar voor om als beursgenoteerd bedrijf in het volle licht van de schijnwerpers te staan.