Mijden en verketteren

Er zijn minder moslims in Nederland dan de staatstelmachine tot nu toe aangaf – 850.000, niet 1 miljoen. Maar de AIVD houdt het aantal salafisten op liefst 20 tot 30.000. We weten niet hoe deze 'preciezen’ zijn geteld en ook die raming moet misschien wel worden bijgesteld.

De AIVD heeft het over ‘neoradicalen’, maar die term is misleidend. Salafisten zijn radicaal in hun geloofsbeleving, maar nieuw is die niet. Terugkeren naar het geloof der vrome vaderen (salaf al-saleh), een letterlijke lezing van de Koran en getrouwe navolging van de profeet Mohammed, dat is eerder vertoond in de geschiedenis van de islam. De opvatting dat je de omgang met ongelovigen moet mijden (bara) en verkettering van wie je als niet rechtgelovig beschouwt (takfir) is evenmin nieuw. Niet voor moslims en niet voor christenen.

Salafisten beweren dat zij het alleenrecht hebben op eeuwig heil. Dat maakt hen arrogant en betweterig, maar niet per se gevaarlijk. Ze doen denken aan de scherpslijpers van de Europese Reformatie, de mennonieten. Zij waren volgelingen van Menno Simons (1496-1561), doopsgezind voorganger in het Friese Ootmarsum. Doopsgezinden waren tegen de kinderdoop en voorstander van een ‘geloofsdoop’ (met gelijktijdige belijdenis) voor volwassenen. Simons ging verder. Hij predikte geweldloze afzondering van de wereld voor zijn gemeenschap van ‘wedergeborenen’. Voor hen was God het hoogste gezag en het Evangelie de opperste wet. Overheden wensten ze alleen te gehoorzamen als die handelden naar christelijke beginselen. Menno leerde dat de ware gemeente zich onderscheidt door zich te spiegelen aan de levenswandel van Christus. Om zijn ideaal te handhaven stelde hij tuchtmaatregelen in als ‘ban en mijding’ – uitstoting en een verbod op omgang met uitgestotenen. Takfir en bara.

In Nederland bezweken de meeste mennonieten aan het begin van de negentiende eeuw voor de verleidingen van de welvaart, voor de Verlichting en voor het patriottisme. Het sektarische salafisme van jonge Nederlandse moslims staat hun integratie in de weg. Maar dat kan veranderen als ze andere uitwegen zien uit het culturele keurslijf van hun ouders dan zelfgekozen afzondering.