Het gemurmel van Houellebecq

Elke mening telt, telt elke mening? Over dat thema debatteerden denkers uit binnen- en buitenland op een jubileumavond van de ‘Groene Amsterdammer’.

Rosan Hollak

„...Agh... ik... ben... kleine gehaktballetjes aan het eten... met mijn vriend... Heinrich Heine... hij eet een visje...” Op het podium in de Koninklijke Foyer in de Stadschouwburg Amsterdam staat performancekunstenaar Fredie Beckmans. Hij heeft een zwarte cape om, een doodshoofd ligt op een kruk naast hem. Hij is zojuist in ‘contact getreden’ met Martin van Amerongen, de oud-hoofdredacteur van de Groene Amsterdammer die in 2002 overleed.

Achter de mompelende acteur zit een jury, bestaande uit voorzitter Sacha de Boer (NOS Journaal), Erik Kessels (reclamebureau KesselsKramer) en beeldend kunstenaar Barbara Visser. Zij reikten afgelopen zaterdag voor de eerste keer de Martin van Amerongen-prijs van 2.500 euro uit aan de schrijver van het beste ‘elektronische essay’.

Aanleiding voor de avond is het 130-jarige bestaan van de Groene Amsterdammer. Op het 26ste lustrum debatteren bekende en minder bekende denkers uit binnen- en buitenland over het thema ‘Elke mening telt, telt elke mening?

Terwijl in foyer winnares Wanda Perez de prijs voor haar essay ‘Een blog voor je kop’ in ontvangst neemt en de publieksprijs wordt uitgereikt aan Jaap de Jonge en filosofe Joke Hermsen, is er, een verdieping lager, eveneens gemurmel te horen van de Franse schrijver Michel Houellebecq. Samen met documentairemaakster Ingeborg Beugel, psychologe Liesbeth Woertman en schrijver en evolutiebioloog Tijs Goldschmidt debatteert hij over de kwestie of porno moet worden gezien als ‘probleem of verschijnsel’.

De bomvolle zaal is benieuwd wat de beroemde Franse schrijver, bekend om zijn controversiële standpunten over de seksindustrie, gaat zeggen. Maar helaas, niemand verstaat hem. Ook zijn vertaalster niet. Houellebecq staart apathisch voor zich uit. Is hij dronken? Stoned? Het publiek speculeert, terwijl gespreksleidster Margreet Fogteloo verwoede pogingen doet het debat in goede banen te leiden. Het volgende debat over ‘De invloed van de publieke intellectueel’, tussen Geert Mak, de Franse schrijver Pascal Bruckner en de Britse filosoof John Gray, is een stuk verstaanbaarder. Grote thema’s vliegen over tafel: Europa, de islam, multiculturalisme. Gray constateert dat zelfcensuur in het Westen toeneemt. „Monty Pythons Life of Brian kan allang niet meer worden gemaakt in de VS. Zo’n film vindt men nu te kwetsend voor jodendom of christendom.”

Geert Mak is na afloop licht teleurgesteld over de avond: „Ik vind het best leuk hoor, maar op de vroegere Groene feestjes was het vaak een grotere bende.”