Doe wat aan illegalen op Antillen

Onderken het probleem van het hoge aantal illegalen op de Antillen, schrijven Alexander Pechtold en Jacco Snoeijer.

In de discussie over de staatkundige herinrichting van het Koninkrijk der Nederlanden is de positie van de vreemdeling in de overzeese gebiedsdelen onderbelicht gebleven. In de plannen van het kabinet is er weinig tot niets over te vinden. Dat is merkwaardig omdat de behandeling van vreemdelingen op de Antillen en Aruba belangrijke gevolgen heeft voor het gehele Koninkrijk. Bovendien zullen Bonaire, Sint Eustatius en Saba binnenkort een soort gemeenten worden binnen de Nederlandse rechtsorde.

Het aantal illegalen (vreemdelingen zonder geldige verblijfspapieren) op de Antillen en Aruba is aanzienlijk. Officiële cijfers ontbreken, maar alleen al op Sint Maarten wordt het aantal illegalen op 30.000 geschat. Dat is meer dan een derde van de totale eilandbevolking. Het grootste deel komt met een geldig visum, maar blijft vervolgens. Anderen komen met snelle bootjes binnen.

Het ineffectieve toezicht op vreemdelingen op de Antillen en Aruba werkt uitbuiting en criminaliteit in de hand. Veel drugscriminelen, mensensmokkelaars en wapenhandelaars, afkomstig uit landen als Colombia en Venezuela, buiten het falend toezicht uit. Dit zorgt voor grote problemen op de Antillen. De schade voor de Nederlandse reputatie is navenant.

De economie van sommige eilanden is sterk afhankelijk van illegale werknemers. Zoals Nederland illegale aspergestekers kent, zo hebben de Antillen en Aruba hun illegale kamermeisjes en bouwvakkers. Deze ondermijning van de lokale arbeidsmarkt werkt lage beloning en slechte arbeidsomstandigheden in de hand. Het ruime aanbod van illegale arbeid draagt ook bij aan een hoge jeugdwerkloosheid. De Antillianen en Arubanen zijn hier het voornaamste slachtoffer van.

Daarnaast is de positie van illegalen zelf vaak schrijnend. Minderjarige illegale vreemdelingen hebben – in strijd met het Kinderrechtenverdrag – geen toegang tot onderwijs. De detentie van minderjarige illegalen is vaak niet zoals het hoort. Veel illegale vrouwen belanden in de prostitutie of worden het slachtoffer van vrouwenhandel.

Dit zijn misstanden die het gehele Koninkrijk aangaan. Het Koninkrijk der Nederlanden heeft immers de plicht de fundamentele mensenrechten te waarborgen – ook op de Antillen en Aruba. Het is niet zo fraai dat de Verenigde Naties Nederland steeds weer moeten wijzen op het niet nakomen van onze plichten.

Dan is er de problematiek van de naturalisatie. Vreemdelingen die Nederlander willen worden, kunnen een verzoek indienen het Nederlanderschap te verkrijgen. Vorig jaar dienden op de Antillen en Aruba ruim 4.000 mensen zo’n verzoek in. De vreemdelingenadministratie daar is onder de maat. Deze aspirant-Nederlanders moesten gemiddeld acht keer zo lang wachten op een antwoord en kregen vijf keer zo vaak nee te horen als mensen die in Nederland een verzoek indienden. Bovendien zijn er sterke aanwijzingen dat er sprake is van corruptie waardoor mensen op clandestiene wijze het Nederlanderschap verkrijgen om vervolgens naar Nederland te verhuizen. Het contrast met de aandacht die we voor deze zaken in het Europese deel van het Koninkrijk hebben, is onaanvaardbaar groot.

Wat moet er gebeuren? Om te beginnen moet worden onderzocht om hoeveel illegale vreemdelingen het gaat en wat de aard is van de hierboven geschetste problemen.

Daarnaast geldt het Vluchtelingenverdrag niet op de Nederlandse Antillen. Er zijn geen asielbepalingen in de lokale wet en er is geen enkele ambtenaar die zich specifiek met asielzoekers en vluchtelingen bemoeit.

Het is zaak dat alle delen van het Koninkrijk dit verdrag ondertekenen om de specifieke rechten van vluchtelingen te waarborgen. Nu is in onvoldoende mate duidelijk wat er gebeurt met asielzoekers die wél bescherming verdienen. Dit gaat ook de internationale status van Nederland aan.

Verder zou het goed zijn als er een Rijkswet komt die vluchtelingen de minimale bescherming biedt waar zij recht op hebben in plaats van het ondoorzichtige beleid van Aruba te kopiëren, zoals staatssecretaris Albayrak (Vreemdelingenzaken, PvdA) onlangs voorstelde.

Binnenkort worden, als gevolg van de staatskundige herinrichting, een deel van de overzeese gebieden onderdeel van het Nederlandse staatsbestel. Vroeg of laat zal dan ook het Nederlandse vreemdelingenrecht – en wellicht ook het Europese asielrecht – op die eilanden gelden. Het is dus zaak om zo snel mogelijk het vreemdelingenrecht aan te passen aan de Nederlandse en Europese standaard.

Natuurlijk is de zelfstandigheid van de overzeese gebiedsdelen een kostbaar goed, maar het zou aanbeveling verdienen het vreemdelingenbeleid op rijksniveau te regelen. Niet een beleid gedicteerd vanuit Den Haag, maar met oog en oor voor de specifieke problemen van de overzeese gebieden. De toelating en uitzetting van vreemdelingen in het Koninkrijk kent natuurlijk grenzen, maar dat zijn niet de landsgrenzen van het Koninkrijk.

Alexander Pechtold is fractievoorzitter van D66. Jacco Snoeijer is jurist.