De school is groen, de straat is rood

Scholen lijken steeds vaker het decor van steekpartijen. Een trend?

Integendeel. „De school wordt juist steeds veiliger.”

Vorige week werd een 15-jarige scholier neergestoken door, waarschijnlijk, twee klasgenoten van 15 jaar. Het gebeurde nabij de Openbare Schoolgemeenschap Bijlmer. Het was het achtste geweldsincident nabij een school dit jaar. Het lijkt een trend, maar dat is het niet, zegt Bert Molenkamp. Hij is voorzitter van het Platform Veiligheid van de mbo-raad en bestuurder van de Amarantis Onderwijs Groep in Amsterdam, een grote vmbo, mbo-scholengemeenschap.

Alweer een steekpartij bij een school.

„Het zijn incidenten. Het Platform Veiligheid laat al zes jaar trendstudies uitvoeren, onder duizenden leerlingen en docenten. Daaruit blijkt steeds weer dat het veiliger wordt op scholen. Het wapenbezit onder leerlingen neemt af.”

Het lijkt een trend doordat de media er zoveel aandacht aan besteden, zegt de politie.

„Ik onderschrijf die visie volledig. Uit al ons onderzoek blijkt dat scholen de safe havens van de maatschappij zijn. Op de schoolpleinen en in de fietsenhokken wordt het al iets minder, en op straat is het gevaarlijk. Je zou kunnen zeggen: de school is groen, het plein is geel en de straat is rood.”

Wat zijn de veiligste scholen?

„Kleinschalige schoollocaties, waar docenten de leerlingen en elkaar kennen. Scholen met een conciërge of portier bij de ingang, en toegangspoortjes. Maar ook scholen die geschilderd zijn in warme kleuren zijn veiliger. En scholen die veel met leerlingen praten in de klas, contact met ze houden, ze volgen en begeleiden. En het is ook belangrijk hoe een school omgaat met incidenten. Dat er gepraat wordt, dat leerlingen opgevangen worden. De Openbare Schoolgemeenschap Bijlmer voldoet aan al die factoren. Het is een school die bijdraagt aan een veiliger samenleving.”

Maar toch vond daar deze week die steekpartij plaats.

„Het wás niet op school, maar in de buurt. Wat maar weer bewijst dat een school dergelijke incidenten uiteindelijk niet kán voorkomen. Het is niet het incident van de school, maar van de samenleving.”

Bij het geweld dat zich de afgelopen jaren nabij scholen heeft voorgedaan, zijn veel jonge daders en slachtoffers van allochtone afkomst. En het speelt vooral op het vmbo.

„Jongeren van de tweede en derde generatie van allochtone afkomst lijken een groter probleem te hebben zich een positie te verwerven in de maatschappij dan de eerste generatie. Dat is een probleem dat we ook een tijd hebben gehad met Molukkers. Scholen moeten dit aspect benoemen in de klas. Maar we moeten wel zorgvuldig zijn. Afkomst is natuurlijk niet het hele verhaal. Ook sociaal-economische indicatoren spelen vaak een rol. En je moet de vraag stellen ‘wat doet de samenleving’, wat doen de ouders? Scholen kunnen niet alles oplossen.”

Wetenschappers zeggen dat jongeren van Marokkaanse en Antilliaanse achtergrond meer structuur nodig hebben op school.

„Dat geldt niet alleen voor hen, maar voor grote groepen op deze scholen.”

Kan structuur helpen deze geweldsincidenten te voorkomen?

„Het onderwijs kan ertoe bijdragen. Maar het onderwijs is ook geen Haarlemmerolie. Net zo min als een schaamlap; je kunt het onderwijs niet overal de schuld van geven. Ook de structuur in de gezinnen is van heel groot belang.”

Uit onderzoek bleek deze maand dat scholen soms incidenten als vernieling en bedreiging verzwijgen omdat ze bang zijn hun goede naam te verliezen.

„Er is een grijs gebied, waarvan de politie zegt ‘dat moet je melden’ en waarvan de school zegt ‘dat hoort bij pubers’. Dan gaat het overigens niet om steekpartijen. Die moeten natuurlijk gemeld worden.”

Misschien stijgt het aantal incidenten wel degelijk, maar belandt het in de doofpot.

„Het gebeurt. Maar ik geloof beslist niet dat er zoveel incidenten door scholen verzwegen worden, dat de trend dat scholen veilig zijn niet meer opgaat.”