Chinese banken rukken op in westelijke richting

Chinese banken nemen omvangrijke belangen in buitenlandse rivalen. Een nieuwe trend? „We zullen dit de komende jaren wel meer gaan zien.”

Ze hebben in ieder geval één ding gemeen. Het Britse Barclays, het Amerikaanse Bear Stearns en de Zuid-Afrikaanse Standard Bank. Wat? Ze hebben een grote Chinese aandeelhouder en dienen als voorbeeld van een kerende trend.

De nieuwe trend is namelijk dat Chinese banken actief hun vleugels uitslaan. Eerder dit jaar investeerde de China Development Bank een dikke 3 miljard dollar (2,1 miljard euro) in het Britse Barclays en Citic Securities pompt 1 miljard in Bear Stearns en kan op termijn een belang verwerven van zeker 6 procent. De laatste investering, en meteen de grootste, kwam vorige week tot stand toen de Industrial & Commercial Bank of China (ICBC) aankondigde 3,9 miljard euro te investeren in Standard Bank. Met deze investering, de grootste in het land sinds het einde van de apartheid, krijgt ICBC een belang van maar liefst 20 procent in de Zuid-Afrikaanse bank.

Het is een complete ommekeer van de situatie die tot voor kort bestond. Toen waren het juist de westerse banken die aasden op belangen in Chinese branchegenoten. In Nederland nam bank en verzekeraar ING een belang van 20 procent in Bank of Beijing en de Rabobank kocht 10 procent in de United Rural Cooperative Bank of Hangzou. Zij waren in goed gezelschap. Goldman Sachs, Bank of America, UBS, HSBC en de Royal Bank of Scotland, allemaal investeerden ze in de Chinese bankensector om zo een voet tussen de deur te krijgen en te profiteren van de enorme economische groei in het Aziatische land.

Je kon de tegengestelde trend zien aankomen, stellen Paul Vrouwes en Alexander van der Laan, respectievelijk hoofd global financials en senior investment manager financials bij ING Investment Magemenent. „Vijf jaar geleden waren de Europese banken vijf keer groter dan de Chinese banken, nu is het andersom”, zegt Vrouwes. Van der Laan verwacht niet dat de drie deelnemingen incidenten zullen blijken te zijn. „Ik denk dat we dit de komende jaren wel meer gaan zien.”

Het verschil zit hem in de beurswaarde. De Chinese banken profiteren van de grote koersstijgingen op de beurzen van Hongkong en Shanghai en van het feit dat zij enorme hoeveelheden cash hebben opgehaald met hun recente beursintroducties. Zo is ICBC momenteel de grootste bank ter wereld gemeten naar marktwaarde. Met een marktkapitalisatie van circa 330 miljard dollar (208 miljard euro) verslaat het gemakkelijk Citibank. De grootste Amerikaanse bank komt niet verder dan een beurswaarde van 144 miljard euro. „Het gaat om bedrijven die hoog gewaardeerd zijn, zeker in vergelijking met de rest van de wereld. Als je kijkt naar ICBC heeft deze bank een hoge koers-winstverhouding en het is voor hen financieel aantrekkelijk om lager gewaardeerde assets te kopen”, zegt Van der Laan. Hij verwacht overigens dat de investeringen van deze banken in het buitenland zich zullen toespitsen in landen waar grondstoffen aanwezig zijn en in Azië. „De Chinese banken moeten de groei van de toekomst veilig stellen en diversifiëren naar andere landen. Cultureel gezien ligt het voor de hand dat ze zich voor een deel zullen focussen op Azië.”

De overheid in Peking juicht de expansie toe. Tot frictie heeft dit nog niet geleid, maar in het Westen begint enige vrees te ontstaan voor de grote Chinese investeringen in de gevoelige bankensector. Vooralsnog gaat China door, zo blijkt uit de woorden van de vicevoorzitter van de Chinese bankenwaakhond gisteren. „We willen graag dat Chinese banken zich mengen in de internationale overnames.”