Uitvaart

„Goedemiddag. U spreekt met Tineke van U. We houden momenteel een voorlichtingscampagne over uitvaartkosten. Het blijkt dat 68 procent van de overledenen zijn uitvaart niet geregeld heeft. Heeft u dat wel gedaan?”

„Nou nee, ik leef nog.”

„Ja, gelukkig wel mevrouw, want naast alle emoties rond uw overlijden, zadelt u nabestaanden op met een enorme kostenpost. Wist u dat 71 procent van de overledenen zijn nabestaanden achterlaat met een schuld voor de uitvaart?”

„Ik heb wat spaargeld.”

„Maar die uitvaart moet wél geregeld worden. Daar wil u anderen toch niet mee belasten, bovenop hun emoties?”

„Ze mogen de klus uitbesteden aan een uitvaartbedrijf.”

„Veel te duur! Een grafsteen is bijna onbetaalbaar en kisten worden steeds groter, want onze lichaamslengte stijgt, maar met onze uitvaartverzekering betaalt u 40 procent minder. Ik mag u een uniek aanbod doen. Onze AllesTotaalPolis kost maandelijks 27,74 euro voor uzelf en 11,52 euro voor uw zoon.”

„Dat is bijna 40 euro per maand. Tot wanneer loopt die polis?”

„Tot het 85ste levensjaar.”

„Dus bijna veertig jaar voor mij en driekwart eeuw voor mijn zoon?”

„Zo moet u het niet zien. Gemiddeld overlijden mensen op hun 76ste, dus het wordt wat korter.”

„Mag ik toch bedanken?”

„Maar mevrouw! De uitvaartkosten stijgen jaarlijks 4 procent. U kunt morgen al… En u heeft ook nog een zoon!”

Maar geen uitvaartpolis. En dat vindt Tineke egoïstisch, financieel nadelig en riskant. Haar pleidooi geeft wel te denken: 71 procent laat nabestaanden achter met een uitvaartschuld. Daarmee verklapt Tineke het grootste nadeel van haar product: uitvaartverzekerden hopen dat „alles” geregeld is, maar komen meestal bedrogen uit. In 2003 moest volgens de Consumentenbond 70 procent van de nabestaanden met een naturapolis (verzekering die regelt en betaalt) gemiddeld 3.000 euro bijpassen.

Het probleem van uitvaartpolissen is dat je vrij besteedbare euro’s omzet in polisvoorwaarden. De gevolgen kunnen wurgend zijn. Aanbieder U. claimt bijvoorbeeld (in minilettertjes) „het recht om eenzijdig de verzekeringsvoorwaarden en/of de periodieke premies aan te passen”.

Op een dag komt er dan een brief die meldt dat je de koffie, rouwbrieven of lijkauto zelf moet gaan betalen. Of je premie gaat omhoog. Stijgen de uitvaartkosten jaarlijks 4 procent, zoals Tineke dramatisch voorspelt, dan groeit de geoffreerde maandpremie van bijna 40 euro nu naar 279 over vijftig jaar. Opzeggen is peperduur. Bij U. krijg je dan „50 procent van de ingelegde premies”. Althans, als je meerderjarig bent, want „verzekeringen van een kind kunnen niet worden afgekocht of premievrij gemaakt”.

Goedkoper en veel flexibeler dan een polis is zelf 4.500 euro (crematie) of 6.000 euro (begrafenis) reserveren op een spaarrekening en je uitvaartwensen beschrijven op papier. Dan heb je, bij 4,5 procent spaarrente (sparen.pagina.nl) over veertig jaar 26.000 of 35.000 euro klaarstaan.

Die bedragen haal je ook door maandelijks 19,60 respectievelijk 26,38 euro te sparen. Met dat geld mag je doen wat je wilt. En je voorkomt dat nabestaanden je uitvaartpolis nooit vinden. Net zoals bij muziek- en cadeaubonnen wordt een flink percentage uitvaartuitkeringen nooit geclaimd. Je duur opgebouwde kapitaal eindigt dan als een onbedoeld cadeautje voor je uitvaartverzekeraar.