Uit de schaduw van Gerhard Schröder

Het duurde even, maar nu staat SPD-voorzitter Kurt Beck er dan toch. Op het jaarcongres in Hamburg zette hij gisteren de nieuwe koers uit: terug het pad op van sociale gerechtigheid en solidariteit. ‘Heel goed Kurt’.

Kurt Beck gisteren na zijn herverkiezing als voorzitter van van de SPD. Hij kreeg 95 procent van de stemmen op het jaarlijkse partijcongres. Foto AFP Chairman of the Social Democratic Party (SPD) Kurt Beck holds a bouquet after being re-elected as chairman on the first day of the Social Democratic Party (SPD) congress in Hamburg 26 October 2007. Germany's Social Democrats, partners in the ruling coalition, began their three-day party congress where they will call for a rollback of watershed reforms in Europe's biggest economy. At (L) is German Labour Minister Franz Muentefering applauding, behind is written "Upswing". AFP PHOTO DDP/MICHAEL URBAN GERMANY OUT AFP

Pas aan het eind van zijn bijna twee uur durende toespraak komt Kurt Beck, voorzitter van de sociaal-democratische SPD, op dreef. Hij hekelt het feit dat er in Duitsland zoveel arme kinderen zijn, en hamert op twee hoofdprincipes van zijn partij: sociale gerechtigheid en solidariteit.

Hij krijgt luid applaus. De partijleden die naar Hamburg zijn gekomen om hier hun jaarcongres te houden, krijgen er eindelijk een beetje zin in. „Heel goed Kurt”, roept een afgevaardigde van de afdeling Dresden, die op zijn tafeltje een exemplaar heeft liggen van het vlugschrift Das Rote Dresden.

Ook Becks kritiek op regeringspartner CDU/CSU, die volgens de SPD-voorzitter de gewone man in Duitsland met „marktradicaliteit” onder steeds zwaardere druk zet, wordt met instemming ontvangen.

„Het duurde even, maar uiteindelijk heeft Kurt Beck de belangrijkste thema’s helder voor het voetlicht gebracht”, zegt desgevraagd SPD-lid Elke Tonne-Jork van de afdeling Hannover (Nedersaksen). In haar deelstaat zijn over precies drie maanden verkiezingen. Voor haar is het van groot belang dat de voorzitter een herkenbare koers uitzet en zich profileert als een partijleider die zich met de politieke concurrentie kan meten. Want in de deelstaat telt de populariteit van landelijke politici zwaar.

Tot voor kort was dat Becks grootste probleem: hij had nauwelijks profiel. De 58-jarige minister-president van de deelstaat Rijnland-Palts is anderhalf jaar geleden min of meer toevallig voorzitter geworden van de Sozialdemokratische Partei Deutschlands (SPD), de oudste en traditierijkste partij van Duitsland.

Van oud-bondskanselier Gerhard Schröder en toenmalig SPD-voorzitter Franz Müntefering erfde Beck een partij met een identiteitscrisis. Waarvan de top het contact met de basis was verloren, door jaren van regeringsmacht en impopulaire maatregelen. Een volkspartij die zich als ‘juniorpartner’ in de grote coalitie maar met moeite kan laten zien omdat veel van haar thema’s zijn gekaapt door anderen: op rechts door bondskanselier Angela Merkel (CDU), die graag haar sociale gezicht toont. En op links door Oskar Lafontaine, de SPD-verlater die met zijn nieuwe partij Die Linke het sociaal-democratische gedachtegoed verdonkeremaande en er een linksradicaal, populistisch sausje over gooide.

Het was dus nu of nooit voor Kurt Beck. De weken voorafgaand aan dit partijcongres heeft hij gebruikt om zich te profileren. Hij stelde de sociaal-economische hervormingen van de regering ter discussie, en haalde zich daarmee de woede op de hals van partijgenoot en vice-kanselier Franz Müntefering.

Maar Beck won de machtsstrijd. Dit weekend zal de SPD naar verwachting een partijprogramma goedkeuren dat deels een streep zet onder de hervormingen die Gerhard Schröder ooit doorvoerde.

Schröder is met oud-bondskanselier Helmut Schmidt eregast op het partijcongres van de SPD. Hij steunt Beck. „Mijn hervormingsagenda”, zegt de nog steeds immens populaire Gerhard Schröder, „was een middel – geen doel”. Franz Müntefering, die met andere SPD-prominenten op het podium van de vergaderzaal zit, kijkt onbewogen in het niets. Hij wordt toegeklapt, maar iedereen weet: Der Franz is de man van gisteren.

Kurt Beck wil van de SPD weer een partij maken met een duidelijk sociaal-democratisch programma. Hij keert terug naar oude sociaal-economische waarden die door de globalisering nieuwe actualiteit en urgentie hebben gekregen: pensioen met 65 jaar, minimumloon, langer durende werkloosheidsuitkeringen. Toornig roept hij: „De financiële markten dreigen een eigen macht te worden. Wij moeten ervoor zorgen dat het niet zover komt”.

Is dat een ruk naar links om de concurrentie van Die Linke te pareren? Nee, zegt Bülent Ciftlik, partijganger en lid van de afdeling Hamburg. „Beck pleegt achterstallig onderhoud. Die politieke revisie is hard nodig. De leden lopen bij bosjes weg omdat ze zich niet meer in hun partij herkennen. Beck wil de SPD weer bij de mensen brengen”.

De weglopers zijn in de wandelgangen een belangrijk gespreksonderwerp. Met een duidelijke verwijzing naar de ‘renegaat’ Lafontaine zegt SPD-veteraan en Bondsdaglid Ottmar Schreiner bijkans briesend dat men „deze partij met haar meer dan honderdveertig jaar geschiedenis niet verlaat. Wij strijden voor onze standpunten – maar we lopen niet weg”. Beck zegt het in zijn rede zo: „De SPD is het benchmark van de sociaal-democratie. Wij zijn de maatstaf – en niemand anders”.

Beck werd gisteren met een meerderheid van 95 procent herkozen als voorzitter. Als vice-voorzitters werden gekozen minister van Buitenlandse Zaken Frank-Walter Steinmeier en minister van Financiën Peer Steinbrück. De ‘Stones’, zoals deze twee gematigde sociaal-democraten met een verwijzing naar hun achternaam ook wel worden genoemd, hebben in de derde vice-voorzitter een pittige tegenhanger: Andrea Nahles, ongematigd links, welbespraakt en geliefd bij de partijbasis.

De eerste dag van het SPD-congres zit er bijna op. Beck heeft gesproken en is herkozen. De partij heeft zich om hem heen geschaard. Maar de hamvraag is: staat hier de toekomstig kanselier van de Bondsrepubliek?

Stephan Schweitzer, afgevaardigde en lid van de Saarlander SPD, ontwijkt de vraag eerst. Inhoudelijk vindt hij Beck „heel sterk, hoewel niet zo enthousiasmerend als Schröder”. Maar bondskanselier? „Dat heeft hij helemaal in eigen hand”, zegt Schweitzer, en loopt snel weg.