Savanna’s voogd als lakmoesproef

Kan je de gezinsvoogd veroordelen voor de dood van een peuter als de hele hulpverlening faalt? Justitie wil met de zaak-Savanna een duidelijk signaal geven.

Nooit eerder stond een gezinsvoogd voor de Nederlandse rechter wegens falende hulpverlening. Mieke A., die de hulp coördineerde aan het gezin van de gedode peuter Savanna, is de eerste. Vanaf maandag is het aan de Haagse rechtbank om de grens te trekken tussen individuele aansprakelijkheid en collectieve schuld. Voor de zitting zijn vijf dagen uitgetrokken.

De 3-jarige Savanna stierf in september 2004, nadat haar moeder een washand in haar mond had gepropt. Moeder en stiefvader zijn inmiddels veroordeeld, maar het Openbaar Ministerie is niet klaar. Nalatigheid van de voogd van Bureau Jeugdzorg Noord-Holland zou mede hoofdoorzaak zijn van Savanna’s dood. Justitie verwijt Mieke A. dood door schuld of zwaar lichamelijk letsel door schuld.

Of Mieke A. een veroordeling wacht is nog maar de vraag, zegt hoogleraar strafrecht Ybo Buruma. Want wanneer pak je een persoon strafrechtelijk aan, als een heel systeem nalatig is? Bij het gezin kwamen zoveel hulpverleners over de vloer, stelt hij vast. „Je zou zeggen dat die allemaal gedeelde verantwoordelijkheid hebben. Van de andere kant had de gezinsvoogd de voogdij, dan ben je wel hoofdverantwoordelijk.”

Simeon Burmeister, advocaat van de gezinsvoogd, bestrijdt dat ze onvoldoende informatie aan haar collega’s overdroeg. „Onzin. Ze heeft correct gehandeld en altijd de veiligheid van het kind willen waarborgen. Op vrije dagen ging ze nog bij het gezin langs.”

Hij wijst erop dat Savanna ooit uit huis werd geplaatst, maar bij haar moeder mocht terugkeren. „Dat gebeurde nog voordat mijn cliënt voogd werd. De mensen die dát hebben gedaan staan ook niet voor de rechter.”

En stel dat Mieke A. niet juist handelde, zegt Burmeister, dan heeft ze een beroepsfout begaan. „Dat is nog geen reden om haar als individu strafrechtelijk te vervolgen.” Hij verwijst naar de Schipholbrand, waarbij twee bewaarders die de celdeur lieten openstaan niet zijn vervolgd.

Justitie zal volgens Buruma heel duidelijk moeten maken waarom Mieke A. wel moet worden veroordeeld. „De hamvraag zal zijn: hoeveel meer hadden we van haar kunnen verwachten en waar ligt de grens? Want iemand strafrechtelijk aansprakelijk stellen voor dood door schuld door nalatigheid is ingewikkelder dan wanneer je heel direct iets hebt gedaan, zoals iemand doodrijden.” En daarbij, zegt Buruma, was dit te voorzien? „Was de moord op het kind een direct gevolg van het niet direct ingrijpen van de hulpverlener?”

Advocaat Burmeister denkt dat de zaak op dit punt gaat stuk lopen. „Er is geen direct strafrechtelijk verband tussen de nalatigheid en de dood van Savanna.”

Officier van justitie Wilbert Tomesen zei vorig jaar niet uit te zijn op een celstraf, maar eerder een taakstraf. Justitie wil „vooral een duidelijk signaal afgeven”. Buruma begrijpt dit, „want er zijn hulpverleners die zich soms te makkelijk verschuilen achter de organisatie en hun verantwoordelijkheden niet nemen”. Anderzijds is het een bedreiging: „Professionals zijn als de dood om straks om het minste of geringste ook vervolgd te worden.”

Ton Moolenaar, voorzitter van de Belangen Vereniging voor Medewerkers in de Bureaus Jeugdzorg, is het daarmee eens. „Je wordt onzeker.” Nadat bekend werd dat Mieke A. zou worden vervolgd, zegden meerdere mensen hun baan bij bureau jeugdzorg Noord-Holland op. Moolenaar wijst erop dat het verloop nog steeds groot is. „En dat is ook niet gek want het werk wordt er niet makkelijker op. Je bent met handen en voeten gebonden en toch moet je kinderen beschermen.”