Leden van Hells Angels niet meer verdacht van moord

Een groep leden van de motorclub Hells Angels wordt niet langer verdacht van het feit dat zij een criminele organisatie vormen, met het plegen van moord en doodslag als oogmerk. Dat maakte het Openbaar Ministerie gisteren bekend.

Maandag begint het proces tegen 22 leden van de motorclub. Volgens het OM vormen zij een criminele organisatie. Maar de aanklacht van moord en doodslag is geschrapt omdat hiervoor geen bewijs werd gevonden. In de dagvaarding staat nu dat de criminele organisatie zich bezighoudt met de handel in drugs, wapenbezit en het mishandelen en bedreigen van personen.

De 22 leden die maandag terecht staan, zijn leden van verschillende afdelingen van de club. Onder hen zijn de voormalige president van de afdeling Amsterdam, Willem van B.. Ook de huidige president Daniël U. is verdachte.

Het onderzoek naar Hells Angels onder de codenaam acroniem loopt al sinds 2003. In oktober 2005 deed de politie bij zes afdelingen van de Hells Angels invallen. Daarbij werden 47 mensen opgepakt. Uiteindelijk moeten er daarvan 22 terecht staan. Naast de collectieve beschuldigen, worden sommige leden ook nog individueel vervolgd voor bijvoorbeeld wapenbezit, drugsbezit en geweldpleging.

Justitie probeerde eerder al om de motorclub door de rechtbank te laten verbieden, omdat ze een criminele organisatie zouden vormen. Bij zes rechtbanken werd vorig jaar hiertoe een verzoek ingediend. Maar geen enkele rechtbank ging in deze civiele procedure over tot een verbod. Justitie hoopt in hoger beroep bij de gerechtshoven alsnog te bereiken dat de motorclub wordt verboden.