Half miljard voor windparken

Doorgaans beginnen banken fondsen, die op hun beurt beleggen in bedrijven. Energiebedrijf Evelop begon zelf een fonds, dat exclusief in Evelop belegt, en zocht er investeerders bij.

Na een jaar van onderhandelen kwamen de pensioenfondsen ABP en PGGM eindelijk tot een akkoord met het Utrechtse energiebedrijf Evelop, dat windparken en biomassacentrales bouwt. De pensioenfondsen besloten onlangs elk 100 miljoen euro in een fonds te investeren, het Ampèrefonds. Het geld in dat fonds wordt belegd in slechts één bedrijf, Evelop. Lopen ABP en PGGM daarmee niet een groot risico?

Vaak gebeurt het niet, dat een fonds met risicokapitaal in slechts één bedrijf investeert. „Hier is de omgekeerde weg bewandeld”, zegt algemeen directeur Dennis Lange van Evelop, een dochter van het snel groeiende Econcern.

Kapitaal was in dit geval niet op zoek naar veelbelovende bedrijven om in te investeren. Nu was een bedrijf op zoek naar kapitaal. Evelop zocht beleggers voor de financiering van zijn projecten, aldus Lange. Het bedrijf heeft concessies en vergunningen liggen voor projecten die samen een investering vragen van 12 tot 13 miljard euro. Volgens Lange toonden ABP en PGGM al snel interesse. Raar is dat niet.

Groen is in. Zie de Nobelprijs voor Al Gore en het klimaatpanel IPCC van de Verenigde Naties. Zie de ambitieuze doelstellingen van de Europese Commissie om duurzame energie te stimuleren. ABP en PGGM gaven hun gezamenlijke investeringsdochter Alpinvest afgelopen zomer nog een mandaat om 500 miljoen euro te investeren in bedrijven die schone technologie ontwikkelen. Daarnaast ziet de toekomst van Evelop en moederbedrijf Econcern er gunstig uit. Econcern verwacht zijn omzet de komende jaren te verveelvoudigen en uit te groeien tot een miljardenbedrijf.

ABP, PGGM en Evelop hebben volgens Lange een constructie bedacht waarbij Evelop over het nodige kapitaal kan beschikken, terwijl ABP en PGGM hun risico toch gespreid zien. Zie hier het Ampèrefonds. Het duurde nog wel even voordat de partijen het eens werden over de criteria waaraan de projecten moeten voldoen. Een akkoord kwam er pas na vele maanden van onderhandelen, zegt Lange. Volgens de overeenkomst mag niet meer dan 40 procent van het fondskapitaal naar windparken op zee gaan, 30 procent naar windparken aan land en de overige 30 procent naar biomassacentrales. Verder moeten de projecten gespreid zijn qua fase van ontwikkeling, het land waarin het wordt uitgevoerd, en de onderdelenleveranciers. Lastig voor Evelop, omdat het merendeel van de projecten in Nederland is gesitueerd.

ABP en PGGM hebben ook bedongen dat een onafhankelijke partij optreedt als fondsmanager. Dat is de Triodos Bank geworden, die veel ervaring heeft met duurzame projecten. Evelop moet zijn projecten eerst voorleggen aan Triodos, en pas als de bank goedkeuring geeft kan het Utrechtse bedrijf aanspraak maken op het geld.

De constructie die ABP, PGGM en Evelop hebben gekozen, doet financieel adviseur Jaap Koelewijn niet vreemd aan. „Er zijn allerlei vehikels voor durfkapitaal. En ik denk dat ABP en PGGM goed nadenken over hun investeringen.”

Welke projecten Evelop gaat uitvoeren met het geld uit het Ampèrefonds, is volgens directeur Lange nog niet duidelijk. Het eerste project wordt waarschijnlijk het windpark Koegorspolder in Terneuzen, dat in het eindstadium van de bouw zit. Eind van het jaar moeten de 22 windturbines draaien. In dit geval hoeft er dus niet meer te worden geïnvesteerd in de bouw. Volgens Lange krijgen de investeerders een belang in het project, zodat ze ook snel geld terugzien van hun investering.

Andere projecten die volgens Lange in het Ampèrefonds zouden kunnen vallen zijn de bouw van een grote biomassacentrale in Delfzijl en een groot windpark op zee, voor de kust van België. De eerste vergt een investering van naar schatting 200 miljoen euro, de laatste kost 900 miljoen euro. Evelop wil ongeveer een kwart van de investeringen met eigen vermogen betalen. De rest moet komen van bankleningen.

Het rendement op de projecten ligt naar verwachting rond de 10, 11 procent, zegt Lange. „Het gaat om infrastructuur. Dan zit je in die orde van groote”, zegt hij. Een woordvoerder van PGGM laat weten dat de investeringen een looptijd hebben van 10 jaar. Uiteindelijk wil Evelop 500 miljoen euro in het Ampèrefonds verzamelen. Delta Lloyd en Rabobank hebben elk ook al 75 miljoen euro toegezegd. De laatste 150 miljoen euro verwacht Evelop voor het eind van het jaar bij elkaar te hebben. De investeerders zijn allemaal van Nederlandse bodem. Lange: „Dat heeft als voordeel dat je van het fonds een Nederlandse bv kunt maken. Dat houdt de structuur eenvoudig.”