De beat van de jaren zestig

Dit weekend begint in het filmhuis ’t Hoogt in Utrecht een happening met films en muziek in de sfeer van de jaren zestig.

„Het is een film om vlak voor te zitten onder het genot van een lekker pijpje. Het is een tripfilm. En tripfilms zijn ongeschikt om in konventionele bioskopen te draaien. Daar is een andere setting voor nodig. (…) Er zouden geen stoelen in de bios moeten staan. Er zouden zachte tapijten op de vloer moeten liggen. Het filmbeeld moet tot op de vloer kunnen komen. De film zou uren moeten duren. Je zou fijn bij elkaar kunnen zijn.”

Zo kondigde het blad Hitweek in 1968 Anton Kothuys’ naar een nummer van de Rolling Stones vernoemde She Comes in Colors Everywhere, She’s Like the Rainbow aan. Volgens het toonaangevende blad „een film met heerlijke beelden, echte vreugde, prachtige beelden en heerlijke muziek. Wat wil je nog meer?” De experimentele, flink psychedelische film van de op 5 juni overleden Kothuys maakt onderdeel uit van het Beatfilm-festival waarin ook de Het Gangstermeisje uit 1966 van Frans Weisz te zien is. Twee weekenden lang wordt filmhuis ’t Hoogt in Utrecht omgetoverd tot een plaats waar de jaren zestig weer voor even herleven. Een deel van het programma gaat in november langs diverse filmhuizen.

Het festival is het geesteskind van Frank Dam (1952), die voor deze krant series schreef over Nederbeat en Beatmeisjes. Ook stelde hij in 2003 de tentoonstelling Hitweek! 1956-1969 samen. Tijdens het doorbladeren van de legendarische ‘weekkrant voor langharig en werkschuw tuig’ was Dam gestuit op de aankondiging voor de opnames van een Nederlandse Beatfilm, Brake-Down, met de bands Q65 en Les Baroques. Ook de recensie van Kothuys’ tripfilm had de bovenkop ‘Beatfilm’. Zouden er in Nederland inderdaad beatfilms gemaakt zijn, in de traditie van de Beatles-film A Hard Days Night (1964)? Dam werd nieuwsgierig en ging in diverse archieven op zoek naar wat hij ‘de heilige graal’ noemt. Na heel lang zoeken, gaf hij de hoop op het vinden van een echte Nederlandse beatfilm op. Eentje waarin à la John Boormans Catch Us If You Can (1965) een stelletje ‘langharige’ jongens spannende avonturen beleeft, de oudere generatie een beetje belachelijk maakt, met meisjes stoeit en ondertussen muziek maakt. In Engeland werden zulke „optimistische films met meisjes en muziek”, zoals Dam het genre noemt, wel gemaakt. Maar dankzij de hulp van het Filmmuseum en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid en adviezen van popjournalist Stan Rijven stuitte hij op voldoende interessant materiaal om een door Filmhuis ‘t Hoogt geadopteerd swingend sixties-festival samen te stellen. Daar zitten films bij waarin inderdaad Nederlandse beatmuziek is te horen, zoals in Nikolai van der Heydes To Grab the Ring (1968), waarin heel kort de muziek van de Endeavors Four uit Hindeloopen uit de jukebox klinkt. Maar dit oorspronkelijke idee – films waarin Nederbeat zit – werd wat uitgebreid. De brede selectie, van tv-programma’s tot experimentele films, weerspiegelt volgens Dam de tijdgeest: „de polsslag van de tijd wordt voelbaar”.

Om aan te geven dat de jaren zestig uniek waren wordt de kernselectie omlijst met films uit de jaren vijftig (proloog) en zeventig (epiloog). De enorme stap van de gezellige Hollandse documentaireschool van Haanstra en Van der Horst naar de een decennium later gemaakte protestfilm over de Maagdenhuisbezetting of de psychedelica van Kothuys wordt zo voelbaar.

De eerste generatie filmacademiestudenten verliet begin jaren zestig de academie met revolutionaire ideeën. Daarbij was swinging Londen niet zozeer een inspiratie, maar eerder de filmische experimenteerdrang van de Franse nouvelle vague. De lichtgewicht camera gaat de straat op, ver weg van het kunstlicht uit de benauwde studio’s. Soms klinkt op de geluidsband beatmuziek, maar in Pim de la Parra’s in Amsterdam opgenomen Jongens, jongens wat een meid (1965) ook de samba’s die João Gilberto samen met saxofonist Stan Getz maakte. Veel van de films uit die tijd zijn niet zozeer goed, maar vooral uiterst curieus. Veel films bevestigen de clichés over de jaren zestig, waarin jongeren ietwat naïef de wereld wilden veranderen. Zonder ‘het genot van een pijpje’ of een geschiedenisleraar bij de hand is er soms weinig van te begrijpen. Toch zijn het schitterende documenten die veel duidelijk maken over de vrijheidsdrang en optimisme. Om nostalgisch van te worden.

Beatfilm. Ritme van de jaren zestig. ’t Hoogt, Utrecht op 27/28 okt. en 3/4 nov.; Zie verder: www.beatfilm.nl

Rectificatie / Gerectificeerd

Hitweek

In het artikel De beat van de jaren zestig (27 oktober, achterpagina) wordt de tentoonstelling Hitweek! 1956-1969 genoemd. 1956 had 1965 moeten zijn.