Beeldbuizengigant valt langzaam om

De pogingen om zoveel mogelijk fabrieken van bolle beeldbuizen van het failliete LG Philips Displays te redden, dreigen te mislukken. In Brazilië zijn ze al dicht.

Daan van Lent

Te koop: producent van bolle beeldschermen met fabrieken in China, Korea en Indonesië. Omzet: als het meezit 1,4 miljard dollar. Kasstroom: negatief. Aantal werknemers: ruim 8000. Melden bij de curator in Eindhoven, het bestuur in Hong Kong of liefst bij zakenbank Lazard Asia Toegejuicht door: een consortium van hedgefondsen die graag verlost willen worden van hun betrokkenheid bij het bedrijf.

Het gaat nog slechter met Philips LG Displays dan curator Louis Deterink had verwacht toen hij begin 2006 bij het failliete bedrijf aantrad. Zelfs de levensvatbaar geachte delen kan hij nauwelijks overeind houden. Deze zomer moest Deterink vier van de vijf fabrieken in Brazilië sluiten, blijkt uit het gisteren gepubliceerde tussentijdse faillissementsverslag. 2100 Brazilianen zijn ontslagen.

In Korea, waar in 2006 al een fabriek was dichtgegaan, werd er vorige maand een gered met een nieuwe lening van 75 miljoen dollar door een Koreaanse bank. Dat moest ook wel om fabrieken in China en Indonesië overeind te houden, omdat de betreffende fabriek in Korea een onmisbaar onderdeel produceert. Bovendien kan LG binnen Korea zich vanwege gezichtsverlies sluiting van die fabriek niet veroorloven.

Deterink is bezig met de afwikkeling van het grootste bankroet van een Nederlandse vennootschap in de historie. Bij de aanvraag van het faillissement van LG Philips Displays eind 2005 werkten er nog 19.000 mensen. Omzet was toen 3 miljard euro. Eigenaren Philips en LG lieten hun gezamenlijke bedrijf begin 2006 kapotgaan, omdat ze de markt voor bolle beeldbuizen nog sneller zagen teruglopen dan verwacht en ze geplaagd werden door goedkopere concurrenten.

Toen zij in 2001 hun productie van bolle beeldbuizen voor televisies samenbrachten in een joint venture, leende het nieuwe bedrijf LG Philips Displays 2 miljard dollar van 50 banken. Daarvan ging direct 255 miljoen naar Philips en 1,1 miljard dollar naar het Koreaanse LG. Het bedrijf zelf had slechts 600 miljoen dollar over om te investeren. „Een erg krappe financiering, die nog aan de orde zal komen in het onderzoek naar de oorzaken van het faillissement”, zegt Deterink. Dat onderzoek verwacht hij begin 2008 af te ronden.

Hij heeft proberen te redden wat er te redden valt, al zijn dat vooral fabrieken die ooit van het Koreaanse LG waren. Alle fabrieken van Philips, die meer in hogelonenlanden in Europa en in Mexico lagen, zijn dicht. Ondanks dat er soms recent nog tot 250 miljoen dollar in was geïnvesteerd.

Veel Nederlandse werknemers zijn er niet meer. In Sittard staat een fabriek die onderdelen maakt voor een fabriek in China, waar nog 92 man werken. Zij moeten vrezen voor sluiting. „Met de krappe liquiditeitspositie sluit ik het niet het dat de fabriek op termijn naar China verhuist”, zeg Deterink, die in deze zaak zegt „nooit verder vooruit te kijken dan een paar maanden”.

Ook in de eerste negen maanden van 2006 vielen de resultaten zwaar tegen. De omzet daalde met 34 procent, omdat er minder verkocht werd maar ook omdat de prijs nog verder inzakte. „Uitgezonderd 2004 heb ik geen jaar meegemaakt dat dit bedrijf aan zijn verwachtingen heeft voldaan”, zegt Deterink, die in Nederland bekend werd als curator bij onder meer Fokker en DAF. „Voor een curator is het moeilijk in de greep te houden. Het bestuur zit in Hong Kong en bestaat alleen maar uit Koreanen. Bijna alle Philipsmensen zijn weg. ”

De schuldeisers bestonden oorspronkelijk uit een groep van banken. Die hebben hun leningen doorverkocht aan hedgefondsen. Zij zijn met de curator overeengekomen om de aandelen in het bedrijf over te nemen en onder te brengen in een trust. Dat is nog niet gebeurd. Nu willen ze de aandelen verkopen en hebben ze de zakenbank Lazard Asia in de arm genomen om een veiling te organiseren. „Er zijn gegadigden”, zegt Deterink.