Bank als Big Brother

Is er een relatie tussen een hoog opleidingsniveau en het doorzien van complexe financiële producten? Banken moeten dat van Brussel eens goed bij hun klanten gaan uitzoeken. Er is echter de nodige scepsis over die bemoeienis.

Wat is uw opleidingsniveau? Hebt u bij uw werkzaamheden te maken gehad met beleggen? Vragen die je zou verwachten bij een sollicitatiegesprek. Het zijn echter de vragen die beleggers recentelijk van hun bank kregen voorgelegd. Niet iedereen stelt die bemoeienis van de bank op prijs. Veel klanten beschouwen de nieuwsgierigheid als een betutteling en een inbreuk op hun privacy. Maar de banken hebben weinig keus. Nieuwe regels binnen de zogeheten Mifid verordonneren dat de bank met ingang van 1 november de financiële handel en wandel van zijn beleggers nog beter moet kennen dan nu al het geval is.

Mifid staat voor markets in financial instruments directive en is kort gezegd een Europese richtlijn die de concurrentie op beurzen moet vergemakkelijken en de particuliere belegger beter moet beschermen. Om die bescherming te kunnen garanderen, zo bepaalt de nieuwe richtlijn, moet de financiële onderneming voldoende weten van haar klant. Dat betekent dat beleggers in de afgelopen weken zijn lastiggevallen met een vragenlijst van financiële aanbieders. Of een uitnodiging om deze zaken met de vermogensbeheerder door te spreken.

Per portefeuille wordt het beleggingsprofiel getoetst en op onderdelen aangepast. Ook menig huiseigenaar kan een schrijven van de bank verwachten. De hypothecaire financiering met een verpande effectenrekening valt ook onder de nieuwe regels aangezien hier ook voor eigen rekening wordt belegd.

Financiële regels bestaan al veel langer in Nederland. Onder de bestaande regelgeving – de Wet op het financieel toezicht (wft) ligt de nadruk echter vooral op het vastleggen van gegevens. Zo moest onder andere de risicobereidheid worden vastgelegd en het doel van de belegging, bijvoorbeeld voor pensioen.

Maar het grote verschil met de bestaande wetgeving en de Mifid is dat de financiële instellingen in de nieuwe situatie informatie van de klant moeten interpreteren. Op basis van ervaring, opleiding en beroep moet de bank bijvoorbeeld inschatten of u in staat bent de risico’s van uw transacties in bepaalde financiële instrumenten te doorzien. Ook wil de bank weten of er onroerend goed is en de omvang van de financiering daarvan.

Het effect van die informatievergaring zult u bij iedere dienst merken, zowel bij execution-only (alleen het uitvoeren van beursorders), beleggingsadvies als vermogensbeheer. Bij execution-only en advies moet de bank geregeld toetsen of de transactie wel past bij het beleggingsdoel, risicobereidheid, kennis en ervaring van de klant.

Is dit niet het geval dan stuurt de bank daarover een waarschuwing. Het is overigens mogelijk dat de bank u toestaat zonder waarschuwingen en toetsingen te handelen. Dit kan dan alleen bij execution-only in niet-complexe financiële producten zoals aandelen en obligaties. Wordt er in complexe financiële producten gehandeld zoals opties en futures, dan krijgt de belegger vanaf volgende week donderdag een waarschuwing indien de bank van mening is dat deze transactie niet ‘past’. De bank kan aan klanten die onvoldoende informatie geven weigeren een advies te verstrekken. De bank bepaalt dit zelf. Dit is het gevolg van de weigerplicht binnen Mifid.

De nieuwe richtlijn moet de belegger dus meer bescherming bieden, maar de meningen daarover zijn verdeeld. Tom Loonen, bankier bij Insinger de Beaufort, lid van het tuchtcollege DSI en universitair onderzoeker, volgt de Mifid nauwgezet. Hij promoveerde in 2006 op de gevolgen van de zorgplicht en vindt dat de aanstaande uitbreiding ervan goede en slechte kanten heeft. Loonen vreest dat het feit dat de banken klantgegevens moeten interpreteren voor een hoop onduidelijkheid gaat zorgen. Hij noemt de interpretatie arbitrair.

„Het zou betekenen dat je met een hoog opleidingsniveau makkelijker in complexe producten zou kunnen beleggen.” Volgens Loonen is het echter maar de vraag of een hoge opleiding ook echt kennis van beleggen heeft.

Bij Mifid wordt ook de beleggingservaring van een klant bekeken; afgemeten aan onder andere het aantal transacties. „Maar de bank bepaalt zelf waar die grens ligt”, zegt Loonen. Hij waarschuwt voor de schijnzekerheid die daardoor bij beleggers kan ontstaan. „Betekent dat straks dat je bij 51 transacties per jaar in de optiek van de bank wel over voldoende ervaring beschikt en bij 50 transacties niet?”

Banken zijn er echter op gespitst een en ander goed vast te leggen. Niet in de laatste plaats omdat er in het verleden kwesties speelden waarbij klanten zich beriepen op gebrek aan kennis. Maar Loonen raadt beleggers aan alert te zijn. Volgens hem kan door alle vragen het idee ontstaan dat het om een financieel advies gaat. „Een misverstand”, benadrukt hij. „De gegevens worden door de financiële aanbieder in een dossier opgenomen, maar leiden niet vanzelfsprekend tot een advies over de persoonlijke financiën.”