VS niet gerust op extra NAVO-troepen

Na toezeggingen voor meer troepen in het zuiden van Afghanistan hebben de rijen binnen de NAVO zich weer gesloten. Maar de toezeggingen moeten nog wel waargemaakt worden.

De rijen binnen de NAVO zijn weer gesloten. Het probleem voldoende troepen te krijgen in Afghanistan heeft het militair bondgenootschap voorlopig opgelost, nu in Noordwijk tijdens de informele bijeenkomst van ministers van Defensie van de 26 lidstaten uit verschillende landen toezeggingen zijn gedaan om gaten te vullen.

Dat was het grote pijnpunt toen het treffen woensdag begon. Op weg van Washington naar Noordwijk had de Amerikaanse minister van Defensie Robert Gates in de Oekraïense hoofdstad Kiev zijn verbazing uitgesproken over het feit dat een over twee miljoen militairen beschikkend bondgenootschap niet in staat blijkt voor een operatie waarvoor rond 45.000 man nodig zijn voldoende troepen op de been te brengen en materieel te leveren.

Voor de missie die de NAVO in Afghanistan uitvoert in opdracht van de Veiligheidsraad van de VN zit de organisatie nu op 90 procent van de benodigde capaciteit. De Hoop Scheffer noemde in Noordwijk dit tekort geen reden om grote woorden als ‘crisis’ te hanteren, hoewel hij toegaf natuurlijk pas tevreden te zijn als de NAVO op volle sterkte is.

Vol vertrouwen was hij nu hem tijdens de bijeenkomst verschillende aanbiedingen voor versterkingen ter ore waren gekomen. Daar komt bij dat op termijn enige ruimte ontstaat nu de NAVO-lidstaten zijn overeengekomen de pas net opgerichte ‘NRF’, de uit 25.000 mensen bestaande reservemacht NATO Response Force, in te krimpen, zodat landen in principe de beschikking krijgen over meer militairen om naar bijvoorbeeld Afghanistan uit te zenden.

De Amerikaanse minister Gates toonde zich gereserveerder. De bijeenkomst was positiever verlopen dan hij had verwacht, maar, zo waarschuwde Gates, de diverse aanbiedingen moesten natuurlijk nog wel worden geconcretiseerd. Hij wees naar de top van NAVO-regeringsleiders eind vorig jaar in Riga. Ook toen werden intenties uitgesproken om de Afghanistan-missie van voldoende mensen en middelen te voorzien. Veel aanbiedingen zijn nagekomen, maar het totale beeld is nog altijd dat de NAVO in Afghanistan mensen en materieel te kort komt.

En dat is wat de Amerikanen zorgen baart: het moeilijke proces de militaire missie op de gewenste en afgesproken sterkte te krijgen. Dus niet kijken of elk land zijn toezeggingen wel of niet exact nakomt, maar kijken naar, aldus Gates, „wat nodig is om succes te kunnen boeken in Afghanistan”.

‘Noordwijk’ was inderdaad weer een optelsom van de inspanningen van individuele landen. Dit keer kwam de redding van Frankrijk. Het aanbod van de Fransen, die al ruim 1.000 mensen in Afghanistan hebben zitten, om trainingsmissies voor het gewelddadige zuiden beschikbaar te stellen, werd als doorbraak aangeprezen. Een „grote strategische verandering”, aldus een hoge Amerikaanse diplomaat.

In werkelijkheid dateert het Franse aanbod al van twee weken geleden. Het betreft bovendien een bescheiden aanbod. Bij de zogeheten OMLT’s gaat het om enkele tientallen militairen die Afghaanse soldaten gaan trainen.

Maar bij de NAVO wordt vooral het politieke belang van deze stap benadrukt. De Fransen gaan hierdoor ook een rol in het zuiden spelen, waar tot nu toe alleen de Amerikanen, Britten, Canadezen, Nederlanders en Australiërs actief zijn. Het was de Franse minister Hervé Morin zelf die de hoge verwachtingen van de andere landen temperde. Er moest toch vooral niet gedacht worden dat Frankrijk nu ook gevechtstroepen naar het zuiden ging sturen, maakte hij gisteren na afloop van de bijeenkomst in Noordwijk duidelijk. „Voor ons blijft het bij instructeurs”, aldus Morin. En passant riep hij wel Nederland op om na 1 augustus volgend jaar in Uruzgan te blijven, want het terugtrekken van troepen geeft een „negatief signaal” aan de andere landen. „Er is dan een groot risico voor een domino-effect.”

De Duitsers toonden in Noordwijk nog eens hun aversie tegen een louter militaire aanpak. Volgens minister Franz-Joseph Jung vergt Afghanistan een veel bredere benadering en zou er veel meer nadruk moeten liggen op de civiele aspecten van de operatie. Overigens betwist niemand dat er meer nodig is, het is zelfs het uiteindelijke doel, maar het telkens terugkerende probleem is dat de verslechterende veiligheidssituatie de opbouw in de weg zit. Maar de vrees bij landen als Duitsland is dat een grotere militaire presentie alleen maar meer geweld uitlokt. Dat is de kern van het sluimerende conflict met de Amerikanen, ofte wel het verschil tussen military power en het door Europeanen gekoesterde model van soft power. Een conflict waarvan de NAVO-operatie in Afghanistan een perfecte illustratie is.