Met zestig man tweeënhalf jaar puzzelen

In het onderzoek rond het Rotterdamse havenschandaal denkt justitie nu voldoende bewijs te hebben verzameld om zakenman Joep van den Nieuwenhuyzen aan te kunnen houden. Dat gebeurde dinsdag.

Na ruim tweeënhalf jaar zijn ze eruit, justitie en de FIOD-ECD. Er is voldoende bewijs verzameld tegen Joep van den Nieuwenhuyzen. Dinsdag werd de zakenman aangehouden in zijn tegenwoordige verblijfplaats in Zwitserland.

Sinds maart 2005 zijn zo’n zestig ambtenaren van de fiscale opsporingsdienst aan het puzzelen om bewijs tegen Van den Nieuwenhuyzen te verzamelen. Hij zou zich persoonlijk hebben verrijkt aan de faillissementen, in 2004, van enkele bedrijven onder zijn investeringsvehikel RDM, waaronder pantservoertuigenfabrikant SP Aerospace, een dataopslagcentrum in Frankfurt en het bedrijf achter het Stoomschip Rotterdam.

Behalve Van den Nieuwenhuyzen is ook zijn voormalige rechterhand Leo van de V. aangehouden, in Nederland. Die was bij verschillende ondernemingen van de RDM-Groep directeur. „Het vermoeden bestaat”, aldus het persbericht dat het Openbaar Ministerie woensdag liet uitgaan, „dat door de gefailleerde bedrijven betalingen zijn gedaan aan gelieerde bedrijven en/of aan de verdachten in privé”.

Justitie vroeg en kreeg hulp van de Zwitserse autoriteiten. Hoewel Van den Nieuwenhuyzen nog altijd een veel bereisd zakenman is, met activiteiten in de Verenigde Staten, in Rusland en vooral China, woont hij al geruime tijd officieel in een chalet in het skioord Château d’Oex – in de achtertuin van zijn voormalige schoonvader Gerrit van der Valk. Vorige week vrijdag was hij nog in Nederland gesignaleerd.

Parallel aan het onderzoek in Nederland en het rechtshulpverzoek aan Zwitserland vonden de laatste dagen ook huiszoekingen, inbeslagnames en verhoren plaats op de Antillen en in Duitsland, België en Frankrijk. De verschillende houdstermaatschappijen van de RDM-Groep zijn op Curaçao gevestigd.

Justitie heeft intussen een uitleveringsverzoek aan Zwitserland gedaan, opdat Van den Nieuwenhuyzen zo snel mogelijk kan worden voorgeleid aan de rechter-commissaris in Nederland, die over de duur van zijn voorarrest moet beslissen.

Volgens een woordvoerder van het Zwitserse ministerie heeft Van den Nieuwenhuyzen een onmiddellijke uitlevering afgewezen. Daar is een buitenlandse verdachte in Zwitserland toe gerechtigd. Nu treedt de gewone uitleveringsprocedure in werking, die enkele weken in beslag kan nemen. Waar Van den Nieuwenhuyzen vastzit wil justitie niet kwijt.

De faillissementfraude die nu als verdenking op tafel ligt, hangt samen met het miljoenenschandaal rond het Rotterdamse Havenbedrijf, dat in augustus 2004 aan het licht kwam. Dit geprivatiseerde gemeentebedrijf bleek voor ruim 180 miljoen aan garanties te hebben verstrekt aan enkele financieel wankele bedrijven van RDM Groep. Die garanties waren in het geheim, en buiten zijn bevoegdheid door toenmalig directeur Willem Scholten afgegeven.

Toen de RDM-bedrijven in 2004 achter elkaar omvielen, eisten de banken die leningen aan RDM hadden verstrekt deze garanties op. De gemeente bleek niets van de onderlinge afspraken tussen Scholten en Van den Nieuwenhuyzen te weten. De stad wist met een paar banken te schikken, en is met andere nog in juridisch gevecht verzeild. Scholten vertrok. Ook tegen hem stelde justitie strafrechtelijk onderzoek in. Hierover heeft het OM nog geen besluit genomen.

De gang van zaken bij de failliete RDM-bedrijven werd in eerste instantie onderzocht door enkele curatoren. Die stuitten in verschillende gevallen op dubieuze geldstromen, kort vóór de faillissementen. Louis Deterink bijvoorbeeld, curator van onder meer SP Aerospace, zag bij elkaar 24 miljoen euro richting een andere vennootschappen van Van den Nieuwenhuyzen verdwijnen. In zijn onderzoeksrapport van maart 2006 beschrijft hij nauwkeurig een wat hij noemt „doorsluisoperatie” van 18 miljoen euro, kort voor SP failliet ging.

Het bedrijf kreeg dat bedrag in eerste instantie overgemaakt door een ander RDM-bedrijf, ter aflossing van een lening. Vervolgens werd die 18 miljoen binnen een dag in twee tranches weer doorgesluisd naar twee andere RDM-vennootschappen. Van den Nieuwenhuyzen en zijn directeur Van de V. waren actief betrokken bij deze paulianeuze transacties, die buiten andere directieleden van SP waren gedaan.

In twee civiele procedures, door Deterink aangespannen, oordeelde de rechter vorig jaar dat de twee betrokken bedrijven – waarvan er een, Wilton Feijenoord, inmiddels ook failliet is – de 18 miljoen moeten terugbetalen. Deterink heeft tot op heden geen aangifte tegen Van den Nieuwenhuyzen gedaan, omdat hij steeds in gesprek is geweest over die terugbetaling. „Vorige week nog.” Maar, zegt hij nu, „door de aanhouding van Van den Nieuwenhuyzen moet ik mijn strategie aanpassen”. Hij overweegt nu wél aangifte te doen, om de zaak voor justitie sterker te maken.

Achtergronden over het havenschandaal zijn te lezen op nrc.nl/economie