Langs wieven en alven

Het is nog steeds een mooi idee: het idee van een andere wereld naast of boven of onder of achter de onze. Onzichtbaar, maar niet voor wie goed kijkt. Het succes van Harry Potter is er aan te danken. De andere wereld is dichterbij dan u denkt, als u er maar voor open staat. En als u maar even de moeite wil nemen af te reizen naar de Veluwe. Want daar wemelt het van de geestverschijningen, spoken, witte wieven, dwaallichten en aardmannetjes, als we Hans den Haan mogen geloven, de samensteller van de Toeristische sagengids van de Veluwe.

Dat is een encyclopedisch opgezet werkje over de verschillende verschijningsvormen van de bewoners van de andere wereld, maar ook een inventarisatie van alle plaatsen waar deze verschijningen zich hebben voorgedaan en zich mogelijk opnieuw zullen voordoen, aangevuld met de verhalen die er in de loop der tijden omheen zijn ontstaan. Van de behekste turf van het Moordgat en het paard met de dodende ogen in Dieren tot de bloedende bloedsteen in de Doolhoflaan. Een kaart is toegevoegd, en per geval een uitgebreide routebeschrijving, want het is de bedoeling dat u, zie ook de ondertitel, zelf op zoek gaat naar deze geheimzinnige plekken.

De kans op het aantreffen van spoken wordt volgens Den Haan vergroot als men van te voren wat afstand weet te nemen van het drukke 21ste-eeuwse leven. ‘Zoek een plekje bij het openhaardvuur en denk eens eventjes alles weg wat van deze tijd is.’ Verder is het goed om ter voorbereiding sprookjes te lezen, ’s ochtends in bed wat langer in de eigen droomwereld te blijven rondhangen en ‘ontwikkel intussen meteen even wat meer gevoel voor symboliek.’ Er komt nog heel wat bij kijken, bij zo’n andere wereld. Je hebt je problemen van definitie, natuurlijk. Wat is een zwartbaardkabouter precies en, ook belangrijk, hoe groot is hij eigenlijk en, nog belangrijker, hoe weten we dat als nog nooit iemand hem goed heeft kunnen waarnemen in zijn ondergronds gescharrel? Dan zijn er kwesties van inventarisatie en classificatie. Ik noem: de juiste afbakening van de doolgebieden. Het onderscheid tussen zich herhalende spoken en plaatsgebonden spoken (‘Dit zijn de klassieke spoken’), niet te verwarren met klopgeesten en dwaallichten. De indeling van weerwolven, spookhonden en andere spookdieren.

Veel is nog in onderzoek. De Pomphul is ‘volgens kenners’ een van de weinige plekken waar naast witte ook zwarte alven voorkomen, maar ‘het is niet duidelijk waarover deze alven precies vergaderen.’ Bestaan vuurmannen echt of zijn het materialisaties van de inbeelding van een aardgebonden geest? Denk daar maar eens over na. Er valt dus nog veel te onderzoeken, ook op fundamentele terreinen. Misschien is die hele spokenwereld toch veel minder stoffelijk dan gedacht. Maar geldt dat niet ook voor onze eigen wereld? Op zulke momenten kan excursieleider Hans den Haan (‘neem een zaklantaarn mee’) zich zomaar ontpoppen als de grondslagtheoreticus van zijn eigen spokenleer. Ik citeer, uit een van zijn meer beschouwelijke passages: ‘Feitelijk is alles geest.’

Intussen is de sagengids behalve een leerzaam ook een opwindend boek, met al die spannende tochten naar al die geheimzinnig plekken met al die mogelijke ontmoetingen. Tot het eind blijft het, als in een roman met een open einde, onzeker of het nu allemaal onzin is of niet. Nog in juli 2004 werd op kasteel Doorwerth de geest van een eeuwen geleden aldaar in de kerker opgesloten en dood gehongerd meisje waargenomen! En: ‘Toch worden elven gezien, niet alleen door kinderen, maar ook door volwassenen.’

U kunt er dus toch maar beter op voorbereid zijn, op de andere wereld. Dan hoeft u niet te schrikken als u binnenkort weer eens op een nevelige avond door het Uddelerheegse bos loopt en er opeens iets op uw schouders gaat zitten. Dat is een aardmannetje. En als hij een bolle buik heeft, een lang spits neusje, fonkelende rode kraaloogjes, puntige oortjes en een miniem mozartpruikje op zijn hoofd, dan weet u nu dat het Blauw Garrit is, ook wel Gluûende Garrit genoemd (niet te verwarren met Gloeiende Gerrit van de Woeste Hoeve.) Hij wordt zo zwaar dat u even geen stap meer kunt verzetten. Dat is dan een van de geintjes van Blauw Garrit. Even wachten, en hij verdwijnt weer in het bos. ‘Aardmannetjes kunnen plagerig zijn, maar ook zeer verstandig.’

Hans den Haan: Toeristische sagengids van de Veluwe. Zelf op zoek naar de geheimzinnigste plekjes op de Veluwe. Het Goudhaantje, 184 blz. €14,50.