Kapotte levens achter net decor

Anniek Pheifer Foto Deen van Meer 'Levende Doden' van Laura Wade door het Nationale Toneel regie Ivar van Urk premire 25.10.07 NT gebouw, Den Haag op de foto: Anniek Pheifer alle rechten voorbehouden bij gebruik naamsvermelding verplicht foto en auteursrecht fotograaf Deen van Meer Beroepsvereniging van fotografen GKÄ Oudezijds Voorburgwal 221 1012 EX Amsterdam tel.: 06.53617774 Postbank 3560388 email: deeninbeeld@wanadoo.nl Meer, Deen van

Voorstelling: Levende Doden van Laura Wade. Nationale Toneel. Regie: Ivar van Urk. Gezien: 25/10. Te zien t/m 17/11 Nationale Toneel Gebouw, Den Haag. Theater Bellevue, A’dam 30/11 t/m 2/12. www.nationaletoneel.nl.

In een enkele seconde kan iemands leven compleet veranderen: we lopen argeloos door het stadspark en vinden een vermoorde serveerster, de keel doorgesneden. Of een kamermeisje treft een man in het hotelbed aan die zelfmoord pleegde. Of we werken in een opslagbedrijf en vinden een lijk in een verhuisdoos. De jonge Britse schrijfster Laura Wade (1977) kiest in haar well made play Levende Doden (Breathing Corpses, 2005) het perspectief van de vinder. Wat gebeurt er met hem of haar?

Regisseur Ivar van Urk maakt voor het Nationale Toneel uit Den Haag van dit stuk een duistere, dreigende voorstelling met zeven excellente spelers, onder wie Pauline Greidanus, Anniek Pheifer, Matteo van der Grijn, Jeroen Spitzenberger en Pieter van der Sman. Op het eerste gezicht lijkt de voorstelling opgebouwd uit losse scènes, case histories van lugubere ontdekkingen. Pauline Greidanus opent de voorstelling met een schrikreactie: ze is het kamermeisje Anne dat de dode man in bed ontdekt. Al snel verandert de schok in een soort zuivere liefde, waarin ze de koude hand van de man tussen haar benen legt. In een andere scène gaat zakenvrouw Kim (Anniek Pheifer) scheldend tekeer: zij is onthutst door de vondst tussen de struiken, van een vermoorde serveerster. Pieter van der Sman speelt als Jim een prachtige rol van een man die nooit kan vergeten dat hij een vermoorde vrouw in een doos aantrof.

Al deze levens zijn kapot. Pas geleidelijk bespeurt de toeschouwer dat er tussen deze geheimzinnige moordpartijen verband bestaat. Dat heeft toneelschrijfster Wade met precisie gedaan. Door het geleidelijk verknopen van de lijnen is de schok groot wanneer de gekeelde serveerster in een andere scène liefkozend een scherp geslepen mes vasthoudt. Levende Doden combineert de spanning van een thriller met psychologische diepgang. De lege, wezenloze blik van Van der Sman als hij verhaalt over zijn sinistere ontdekking, is onvergetelijk.

De spelers voeren hun personages op in een verhevigde, realistische stijl. Er is het leven voor en na de vondst. Anniek Pheifer zegt het treffend in haar monoloog: „De vinder is bijna altijd anoniem, maar ik was die dame en nu weet ik dat ik nooit meer zal zijn als vroeger.” Bijzonder is het decor van Niek Kortekaas. De toneelruimte is omsloten door wanden van karton, die omhoog kunnen glijden. De rommel achter het decor blijkt bij nadere beschouwing blijkt het geënsceneerde rommel, en is dus symbolisch. Een duistere wereld achter het keurige decor.

Van Urk is behalve regisseur de componist van harde muziek, garagerock, die de scènewisselingen begeleidt. Steeds meer dringt de rauwe buitenwereld de binnenwereld binnen. Alleen dat is al angstwekkend. Schrijfster, regisseur en spelers tonen dwingend hoe weerloos mensen zijn als de buitenwereld hen overweldigt. Degen die een dode vindt, zal door die vondst de dood vinden. Een gruwelijke cirkelredenering, scherp op het toneel uitgebeeld.