Hup NAC, zegt Ajax; oké, zegt KNVB

De KNVB vindt het prima dat voetbalclubs elkaar premies geven om van rivalen te winnen. Is de bond wereldvreemd, vraagt Ingmar Vriesema zich af.

De tuchtcommissie van de Koninklijke Nederlandse Voetbal Bond (KNVB) heeft vorige week een opmerkelijke uitspraak gedaan. Voetbalclubs uit de Nederlandse eredivisie mogen elkaar aanmoedigingspremies geven. Ajax mag bijvoorbeeld de tegenstander van een naaste concurrent enkele duizenden euro’s per speler in het vooruitzicht stellen en uitbetalen als de concurrent wordt verslagen of op een gelijkspel wordt gehouden.

Dit voorbeeld komt niet uit de lucht vallen: een speler van de Rotterdamse voetbalclub Excelsior heeft aan het eind van het vorige voetbalseizoen laten weten dat Ajax hem en en zijn teamgenoten een premie van duizenden euro’s had beloofd als Excelsior zou winnen of gelijkspelen tegen AZ, toen de naaste rivaal van Ajax om het landskampioenschap. Even later ontkende de speler zijn bewering, die daarna ook nooit is hardgemaakt. Maar de verdenking leidde er wel toe dat AZ de KNVB kort daarna verzocht om een onderzoek te doen naar de toelaatbaarheid van de aanmoedigingspremies.

En de KNVB staat ze dus toe. Want, zo schrijft de KNVB in een brief aan AZ: „De [tucht]commissie is van oordeel dat van spelers altijd verwacht mag worden dat zij hun uiterste best doen; door het aanbieden van aanmoedigingspremies ontstaat derhalve geen situatie die verboden zou moeten worden.”

De tuchtcommissie van de KNVB zegt hier dat de premies niet strafbaar zijn, omdat ze overbodig zijn. Immers, een profvoetballer doet altijd honderd procent zijn best, en omdat honderd procent het maximum is, is zo’n premie zinloos en dus onschuldig.

Het klinkt bijna logisch, maar is het allerminst. Laten we de redenering eens omdraaien. Stel dat de aanmoedigingspremies wel zin hebben; er wél toe leiden dat spelers beter hun best doen. Uit de redenering van de tuchtcommissie volgt dan een op een dat het aanbieden van de premies wél verboden zou moeten worden. Geen invloed, niet strafbaar, wel invloed, strafbaar.

De KNVB gelooft dus in optie één. En waarom? Omdat spelers altijd hun best zouden doen, ongeacht de beloning. Blijkbaar gaat de voetbalbond ervan uit dat de eredivisiespelers als enige professionals in Nederland ongevoelig zijn voor economisch gewin. Dat gouden handdrukken, winstpremies en vertrekbonussen alleen werken op de zuivel-, telecom-, en bancaire markten. Dat voetballers uit de vaderlandse eredivisie intussen als echte jongensboekjongens week in week uit met rode konen en bezwete koppen strijden om de eer van de club. Dat zij het liefst elk jaar alleen hun clubcontributie zouden betalen, ware het niet dat ook zij hun droge brood moeten verdienen.

Niets is minder waar, zoals bekend. Voetbal is big business. En hoewel voetballers ongetwijfeld een sterk eergevoel hebben, zijn zij ook berekenend. Rafael van der Vaart, speler van de Duitse club Hamburger SV (HSV), wilde zo graag voor Valencia voetballen, dat hij zich in augustus alvast liet fotograferen in een shirt van die Spaanse ploeg. De eerste UEFA Cup wedstrijd met HSV liet Van der Vaart vervolgens aan zich voorbijgaan: hij was daags voor de wedstrijd door zijn rug gegaan toen hij zijn zoontje had opgetild. Een geluk bij dat ongeluk zou zijn dat hij door het missen van die wedstrijd nog in Europees verband voor Valencia zou kunnen uitkomen. Bewezen is het niet, maar het voorval geeft te denken. Spelers zijn ‘materiaal’ ter waarde van miljoenen euro’s, met wie wordt gespeculeerd alsof het aandelen betreft. Als voetballer Rafael van der Vaart geblesseerd raakt of drie penalty’s op rij mist, daalt zijn marktwaarde. Niet voor niets veinzen voetballers soms blessures om bij de club te belanden waar ze willen spelen: ze worden een koopje. En wie denkt dat routinier Philip Cocu voor de eer is overgestapt van PSV naar de club Al-Jazeera in de Verenigde Arabische Emiraten, is wereldvreemd.

Zelfs op landenniveau, waar het eergevoel bij uitstek de kop zou moeten opsteken, speelt geld een grote rol. Tijdens het Wereldkampioenschap in Duitsland in 2006 stelde de Oekraïense voetbalbond het nationale elftal het recordbedrag van 1 miljoen dollar per speler in het vooruitzicht, bij het behalen van de wereldtitel. Ook de KNVB belooft het Nederlands elftal op EK’s en WK’s steevast een winstpremie als het de titel in de wacht sleept. Raadselachtig is waaróm de KNVB dat geld verspilt: spelers doen toch hun best?

Diezelfde KNVB komt nu dus op de proppen met de redenering dat een middelmatige rechtsachter van VVV-Venlo of Excelsior ongevoelig zou zijn voor aanmoedigingspremies.

De uitspraak van de tuchtcommissie moet worden herroepen.

Ingmar Vriesema is redacteur van nrc.next.

Rectificatie / Gerectificeerd

Premies

In het opiniestuk Hup Nac , zegt Ajax; oké, zegt KNVB (26 oktober, pagina 7) wordt gesproken over de tuchtcommissie van de KNVB die aanmoedigingspremies toestaat. Dat moet de adviescommissie tuchtrecht zijn.