Dwars door de USA

Geert van der Kolk: De gekken van Tenakee. Nieuw Amsterdam. 192 blz. €16,50

De ondertitel van Geert van der Kolks De gekken van Tenakee luidt ‘Amerikaanse verhalen’ en dat kan niet alleen worden opgevat in die zin dat de verhalen zich in Amerika afspelen, maar ook in de zin dat Van der Kolk zich heeft laten inspireren door de Amerikaanse traditie van de short story. Van der Kolk is een Nederlander die zich ruim twintig jaar geleden in de VS vestigde, en hiervoor enige naam maakte met onder meer de verhalenbundel De Nieuwe Stad en de roman Noordtij. Voor deze nieuwe bundel heeft hij zich blijkbaar ten doel gesteld de volle geografische breedte van zijn nieuwe land te bestrijken (we reizen al lezende van Florida naar Alaska, van Manhattan naar het Californische Big Sur) maar ook zijn schatplicht aan enkele kanonnen van het Amerikaanse korte verhaal te etaleren.

Enkele verhalen doen, in hun minimalisme en schijnbare pointeloosheid erg denken aan Raymond Carver, maar hier en daar echoën ook de invloeden van zulke uiteenlopende auteurs als Salinger, John Fante en zelfs James Salter (Goodbye Sheryl) door. Van der Kolk heeft in thematisch opzicht een grote voorkeur voor dat segment van de Amerikaanse samenleving dat hoofdzakelijk bezig is met overleven. Van de alcoholische Katherine uit het openingsverhaal die zich op een gekmakende manier in stand probeert te houden met telefonische advertentiewerving, tot de juridisch adviseur in ‘Is hier iemand die mij kan helpen?’ die onaangedaan de ondergang van een cliënt begeleidt.

Van der Kolk schrijft een verzorgd en puntig proza en lijkt zich er niet om te bekommeren dat zijn stijl, vooral wanneer hij afdaalt naar de laagste segmenten van de samenleving, enigszins met hem op de loop gaat. Op dat soort momenten valt er weinig eigens te ontdekken in zijn proza, en dat is misschien wel het belangrijkste kritiekpunt.

Eigenlijk is de enige misser in deze zeer prettige bundel ‘De lange avond’, veel te lang inderdaad, over een low-rent boksschool in een arme wijk in Washington DC en zijn bezoekers. Hier is het minimalisme wel erg ver doorgevoerd, geen van de karakters krijgt contouren en de verhaallijn, zo die er is, loopt dood in een incident. Maar daar staat weer het mooie titelverhaal tegenover, eigenlijk eerder een aangekleed reisverslag over Alaska, met bijzondere ontmoetingen en aardige observaties. Ik ben benieuwd wat er met deze bundel zou gebeuren als hij in de Verenigde Staten werd vertaald.