Toen Jamie nog onberoemd en dun was

Ik had me voorgenomen nooit meer een kookboek van Jamie Oliver te kopen, want ik vond zijn recepten vaak te Brits en te grofstoffelijk; tuurlijk, een mens kan een zalmmoot, wat olijven en een paar kerstomaatjes in een braadslee mikken en in de oven zetten, en dan wordt het wel warm. Maar lekker?

Ook Jamie zelf begon me tegen te staan, want je kunt tegenwoordig geen pepermolentje meer bij Albert Heijn kopen of het pafferige, gecoupsoleilde hoofd van Jamie staart je vanaf die molen aan. En zo’n molen heet dan ook ineens Jamie’s Fab Pepperin’ Mill. Of zoiets.

Vermoeiend.

Maar Jamie kan één ding goed, en dat is koken er leuk uit laten zien. Dat kon hij al toen hij nog een jongeling was en op de BBC zo blij bezig was in een simpel Ikea-keukentje dat hij mij wist wijs te maken dat ik acuut een vijzel moest kopen (die ik eigenlijk alleen gebruik als snoepbakje). En nu lukt het hem wéér, met zijn nieuwe kookboek Thuis bij Jamie.

Blimey, wat ziet dat boek er fijn uit. Jamie weet precies waarmee hij mij – en miljarden anderen – moet lokken. Met warme keukenherinneringen aan vroeger. Het boek roept veel jarenzeventigassociaties op: het ziet eruit als zo’n lekker dik kookboek dat vroeger ergens in de bruin betegelde keuken rondhing, met een rulle katoenen kaft en knullige illustraties van bloemkolen en kippen, en duizenden tips over het telen van rabarber in je achtertuin.

Die moestuin, ook al zo ouderwets, is iets waardoor Jamie compleet bevangen is geraakt, schrijft hij. Daar geloof ik natuurlijk niets van, want Jamie is volgens mij vooral bevangen door roem en royalty’s en de hele dag ingewikkelde deals met Tefal sluiten, maar goed. Ik vind het toch sympathiek om een passage te lezen over de good ol’ days, toen Jamie nog onberoemd en dun was en op het dak van zijn Londense flatje zelf sla teelde in een plastic zak. Ja, Jamie weet ook wel dat zijn tips veel authentieker klinken als ze worden gegeven door het zielige arme kokje dat hij ooit was, met alleen een boterhamzakje als tuin.

Ik doe nu wel cynisch over Jamie, maar hij heeft me dus weer zijn boek laten kopen. Én serieus laten nadenken over de vraag hoeveel pompoenen ik deze herfst kan grootbrengen op mijn balkon. (Ik denk wel tien.)