Rampenbestrijding voelt goed in Californië

De ijver waarmee de niet-ramp in Californië wordt bestreden toont aan dat de VS de haperende hulpverlening rond Katrina nog steeds aan het verwerken zijn.

Barbara Boxer had het nog niet helemaal door. De senator uit Californië kwam zich ter plaatse op de hoogte stellen van deze vreselijke, zij mocht wel zeggen, deze afschuwelijke gebeurtenissen. De burgemeester van San Diego leidde haar rond. Zorgelijke berichten kreeg de senator ingefluisterd – zij tuitte de lippen, trok de wenkbrauwen op, knikte verontrust.

Maar omdat Boxer werd omringd door de bekende haag van cameralui en agenten bleef de absurdistische werkelijkheid van het evacuatiecentrum – het Qualcomm-sportstadion in San Diego – buiten haar blikveld: spelende kleuters in de Kids Fun Zone, skateboardende tieners, gratis massage en acupunctuur, gratis mobiel internet, gratis therapie, gratis nieuwe kleding. En Italiaanse worstjes en Japanse kip op het menu voor de lunch.

Terwijl senator Boxer haar rondleiding volbracht, keek in het stadion Elizabeth Bailey (68) uit Spring Valley, gezeten op haar evacuatiebed in de gang, verstoord voor zich uit toen wéér twee vrijwilligers met een doos verpakte etenswaren voor haar neus stonden. Het was elf uur en Bailey had er al drie aangenomen. Het moest nu maar eens afgelopen zijn, vertelde ze het tienermeisje. „Dat past allemaal niet meer in mijn auto, sweetie!”

De bosbranden in Zuid-Californië legden de afgelopen dagen bloot dat de VS het trauma van de orkaan Katrina nog altijd aan het verwerken zijn. Toen de branden – een jaarlijks ritueel – afgelopen maandag groter werden dan gebruikelijk, waardoor een kwart miljoen mensen hun huis uit moesten (later in de week groeide het tot een half miljoen), traden oude bekenden opnieuw op de voorgrond, en werden vergeten begrippen weer opgepoetst.

Sommigen hadden nog iets goed te maken. Minister Michael Chertoff van Binnenlandse Veiligheid zegde meteen federale steun toe. Hulpverleners van de federale rampenbestrijdingsorganisatie FEMA – onder vuur in de nasleep van Katrina – waren terstond ter plekke. En president George W. Bush, die destijds zijn vakantie voortzette, brengt vandaag al een bezoek aan Californië.

Ook Californiërs zelf kwamen massaal in actie. Wie de laatste dagen in het zuiden van de staat rondreed trof een prettig soort improvisatiekunst aan. Feel good rampenbestrijding tegen een decor van lege wegen en grillige vlammenzeeën. Zware rook die aanvoelde als vergif – en iedereen die iedereen mondkapjes aanbood. Lege winkels, verlaten opslagplaatsen, spooksteden – en nergens plunderaars. Evacués die hun huis uitvluchtten – en zich meteen aanmeldden als vrijwilliger.

„Ik had niets te doen”, zei Bratt Stevens (23) toen hij eergisteren in Orange County uitrustte na een lange dag te hebben geholpen in een evacuatiecentrum. „En het huis van mijn moeder staat toch in de fik.”

Het gevolg was dat Californië de laatste dagen gebukt ging onder een overaanbod aan goede bedoelingen. De gepensioneerde Pam Hoelk uit Santee kwam maandagmiddag in haar rolstoel in het stadion van San Diego aan. Ze hoefde zich sindsdien geen minuut zelf voort te bewegen. „Zou ik best weer eens willen”, fluisterde ze gisteren.

Volgens Hoelk, die met haar man Jerry nu tien jaar in de buurt van San Diego woont, is de ontspannen sfeer van de laatste dagen exemplarisch voor de mix van gemoedelijke latino’s, kalme Aziaten en oudere blanken die het grootste deel van de bevolking uitmaken. Als ergens de geest van de jaren zestig doorleeft is het hier, zei ze.

De geest van de jaren zestig vermengd met het individualisme van de pionier. Zo werd de brandweer geconfronteerd met honderden huizenbezitters die, de vlammen nog een paar honderd meter verwijderd, weigerden hun perceel te verlaten. Ook dat is Zuid-Californië. Dinsdagavond laat zat een grijze man in Silverado in de keuken van zijn onlangs opgeleverde McMansion. Het was middenin een brandhaard. In de naaste omgeving smeulden de bomen, er stond een harde wind. Hij wilde niets meer zeggen. Een brandweerman vertelde dat ze uren op hem hadden ingepraat. „Hij vindt dat hij dieren niet alleen kan laten.”

Gaandeweg de week bleek dat de gebeurtenissen in Californië niet in de schaduw van Katrina kunnen staan, waarbij 1.844 doden vielen. Honderdduizenden verlieten deze week hun huis, duizenden zagen hun woning afbranden – maar bijna niemand liep levensgevaar. En vermoedelijk al komend weekeinde kunnen de meeste evacués weer naar huis.

Zo levert een niet-ramp het bewijs op dat de VS, althans Californië, voortaan voorbereid zijn op een ramp. „Maar misschien moeten we de volgende keer wat minder luiers sturen”, zegt een agent in het Qualcomm-stadion. Een stapel van duizenden pakken met pampers torent boven de stadionmuren uit. De evacuatie loopt vermoedelijk komend weekeinde ten einde.