Turkije, opschieten met hervormingen

Turkije moet haast maken met hervormingen die nodig zijn om te kunnen toetreden tot de Europese Unie.

Dat stelt het Europarlement vandaag in een resolutie.

Naar Europa: start van de jaarlijkse zwemwedstrijd Azië-Europa in de Bosporus. Foto AP Competitors swimm in Bosporus in Istanbul, Turkey, Sunday, July 17, 2005, during the International Bosporus Swimming Competition which is organized by the Turkish National Olympic Committee. Some 400 competitors swam six kilometers and crossed the Bosporus strait from Asia to Europe. (AP Photo/Murad Sezer) Associated Press

In september begaf advocaat Mustafa Rollas zich naar een politiebureau in de Turkse havenstad Izmir om twee van zijn zojuist aangehouden cliënten bij te staan. Het leverde hem niet alleen molestatie door agenten op. Terwijl hij geboeid werd opgesloten in een cel incasseerde hij ook rake klappen en schoppen. Zijn cliënten kreeg hij niet te zien.

Dus kom er bij hem niet mee aanzetten dat Turkije op weg naar het EU-lidmaatschap steeds democratischer wordt en de mensenrechten meer en meer respecteert. „De AKP voert hervormingen door waar ze zelf baat bij heeft”, zegt de advocaat. Volgens hem is de ‘islamitisch geïnspireerde’ AK Partij van premier Erdogan vooral geïnteresseerd in verruiming van de godsdienstvrijheid en de inperking van de macht van het leger. „Daar hebben ze immers de meeste hinder van”, zegt de advocaat.

Vanmiddag zal het Europees Parlement een resolutie aanvaarden waarin het Turkije oproept haast te maken met hervormingen. De resolutie (zie inzet) is opgesteld door het Nederlandse Europarlementslid Ria Oomen (CDA), die namens het Europarlement de voortgang van Turkije volgt. Aanvankelijk was iedereen hoopvol gestemd over de ‘vereuropeanisering’ van het systeem onder leiding van premier Erdogan. In rap tempo werden verbeteringen gerealiseerd op het terrein van democratie, rechtsorde, economie en bestuur, zodat de onderhandelingen over de toetreding tot de EU konden beginnen.

Nadat eind 2005 de toetredingsonderhandelingen officieel van start gingen, stagneerden de hervormingen. Eind vorig jaar besloten de EU-regeringen de gesprekken met Turkije over acht belangrijke ‘hoofdstukken’ in elk geval niet te openen, omdat de regering in Ankara weigerde concrete stappen te zetten op weg naar erkenning van EU-lid Cyprus.

Ook Europarlementariër Joost Lagendijk (GroenLinks) constateert dat de Turkse ijver om hervormingen door te voeren de laatste jaren is „ingezakt”. Als voorzitter van de Turkijecommissie van het parlement kent Lagendijk het land goed. Volgens de Europarlementariër heeft de regering wel de wil, maar ondervindt zij grote weerstand van „belangrijke machtscentra”. Lagendijk: „Politie, leger en ambtenarenapparaat zien zichzelf als de beschermer van de Turkse seculiere republiek tegen islamisten. Sommige wetten die hetTurkse parlement aanneemt, worden gewoonweg niet uitgevoerd.”

Het beste voorbeeld van de tegenwerking is, zegt Lagendijk, het omstreden wetsartikel 301, dat het beledigen van het ‘Turkendom’ strafbaar stelt. Terwijl de politiek keer op keer stelt dat de wet niet bedoeld is als een instrument voor nationalisme, sleept justitie mensen voor het gerecht op basis van deze wet.

Europa zelf is voor een groot deel debet aan vertraagde hervormingen in Turkije, stelt hoogleraar Kemal Kirisci, directeur van het Europa Instituut van de Bogaziçi-universiteit in Istanbul. Volgens hem is de AKP „de meest Europagezinde partij in Turkije”. Alleen heeft datzelfde Europa deze regering in de steek gelaten, meent hij. Volgens hem hebben de „extra strenge eisen” die Europese landen aan Turkije stellen de animo in Turkije voor de toetreding doen afnemen. „Anti-Turkse uitlatingen van Europese leiders als de Franse president waren olie op het vuur.”

Kort na de overweldigende winst bij de parlementsverkiezingen in juli dit jaar kwam premier Erdogan met een reeks voorstellen om de grondwet te herzien. Het leger wordt verder onderworpen aan politieke controle. De meest opvallende wijziging betreft de hoofddoek. Het verbod op het dragen van een hoofddoek door studentes en vrouwelijke ambtenaren – nu nog een taboe – wordt opgeheven.

Rollas, Lagendijk en Kirisci menen dat de voorstellen van de Turkse regering om de grondwet te moderniseren niet ‘voldoende Europees’ zijn. Lagendijk is teleurgesteld dat het wetsartikel 301 niet wordt geschrapt. „Het is zeker dat Turkije met de huidige grondwet niet in de Unie komt.”

Directe gevolgen heeft de resolutie van het Europees Parlement niet. Het is wel een signaal aan de Europese Commissie streng te blijven. Hoogleraar Kirisci waarschuwt dat Europa even niets van Turkije moet verwachten gezien de situatie aan de grens met Irak. „Wij hebben momenteel andere zorgen.”