De vrolijke anarchie van Red Sox Nation

Boston Red Sox beginnen vanavond aan de World Series, de apotheose van het honkbalseizoen in de VS. Het studentikoze team is nu populairder dan New York Yankees.

Jonathan Papelbon viert de zege tegen de Indians. Foto AFP Jonathan Papelbon #58 of the Boston Red Sox pours a beer over the William Harridge Trophy after defeating the Cleveland Indians by the score of 11-2 to win the American League Championship Series at Fenway Park 21 October 2007 in Boston, Massachusetts. Al Bello/Getty Images/AFP = FOR NEWSPAPERS,INTERNET,TELCOS AND TELEVISION USE ONLY = AFP

Manny Ramírez, de 35-jarige sterspeler van de Boston Red Sox met de dreadlocks, gaf vorige week een interview waarin hij alvast vooruit blikte op het volgende seizoen. De Red Sox stonden met 3-1 achter in de American League Championship Series tegen de Cleveland Indians. Ramírez leek te berusten in een nederlaag: „Wat maakt het uit als we niet winnen”, zei hij. „Het is niet het einde van de wereld.”

Ramírez had voor zijn beurt gesproken. De Red Sox wonnen vervolgens drie wedstrijden op rij en schakelden de Indians met 4-3 uit. In de World Series, die vanavond begint, moeten ze het opnemen tegen de Colorado Rockies.

Bij elke andere club hadden de laconieke opmerkingen van Ramírez geleid tot een stevig gesprek met de trainer, maar niet bij de Red Sox. In Boston wordt het excentrieke gedrag van de speler met het één na hoogste jaarsalaris in Amerika – 20 miljoen dollar, alleen Alex Rodriguez van de Yankees verdient meer: 25 miljoen – al jaren gedoogd.

Zo miste hij in februari nog het begin van het trainingskamp omdat hij zijn opgeknapte Lincoln Continental (bouwjaar: 1967) met open dak, tv-toestel en computer op een autobeurs voor 200.000 dollar te koop aanbood. Later schitterde hij in een filmpje waarin hij zijn barbecuestel op eBay in de aanbieding deed: „Hallo, ik ben Manny Ramírez. Ik heb deze amazing grill voor ongeveer 4.000 dollar gekocht. Maar ik heb hem nooit gebruikt, omdat ik altijd onderweg ben.” Dat werd zelfs teamgenoot David Ortiz (31), net als Ramírez afkomstig uit de Dominicaanse Republiek, te gortig. In een interview zei hij dat Manny een „crazy motherfucker” is. Ramírez veinsde niets van de opwinding te begrijpen: „Ik ben een zakenman.”

Zo controversieel Ramírez is, zo populair is Ortiz, alias Big Papi.T-shirts met de opdruk ‘It ain’t over till the Big Papi swings’, een variatie op het gezegde ‘It ain’t over till the fat lady sings’, doen het goed in Boston. De homeruns van Ortiz zijn inderdaad een lust voor het oog, zijn rondje langs de honken als hij er één heeft geslagen een bezienswaardigheid. Ortiz sjokt, staat bijna stil en trekt dan een kort sprintje. Vier keer, van het eerste honk tot bij de thuisplaat.

Ramírez, Ortiz en de Red Sox horen bij Boston, zoals de Yankees bij New York horen. Tot 2004 gold de club uit de stad met de beroemde universiteiten (Harvard, MIT, Boston College) als de schlemiel van het Amerikaanse honkbal, met een patent op hartverscheurende nederlagen en memorabele blunders. Zo miste het team in 1986 de World Series doordat de toenmalige eerste honkman Bill Buckner in de playoffs tegen de New York Mets een simpel rollertje door zijn benen liet lopen. Buckner was sindsdien een metafoor voor de pech die de supporters met hun team associeerden.

In 2004 volgde de ommekeer. De Red Sox stonden in de play-offs met 3-0 achter tegen de Yankees, maar wisten de achterstand om te buigen in een 4-3 overwinning. Daarna werden de St. Louis Cardinals in de World Series met 4-0 opgerold. Boston was landskampioen, voor het eerst sinds 1918; de ‘vloek’ die over de club zou heersen was uitgewerkt.

Het team dat in 2004 landskampioen werd stal de harten van de honkballiefhebbers. Sindsdien zijn de Red Sox populairder dan de Yankees. Red Sox Nation heeft Amerika veroverd. De wedstrijden in Fenway Park in Boston zijn al jaren uitverkocht. Maar ook tijdens uitwedstrijden zijn de tribunes – behalve Yankee Stadium – rood gekleurd; tienduizenden fans uit New England reizen hun favoriete team achterna.

De Red Sox zijn een cultclub geworden. Niet minder arrogant dan de Yankees, maar op een andere manier: speelser, minder gedisciplineerd. Studentikoos, dat hoort bij Boston. Ramírez draagt soms een haarnetje, en soms niet. Ortiz heeft zijn vlezige gezicht opgetuigd met stiletto bakkebaarden en een onnavolgbare baard. Kevin Youkilis combineert een glad schedeldak met een aan zijn kin klevend grungesikje.

Het is een even bonte als hechte groep, dat laatste de verdienste van trainer Terry Francona. Dit seizoen domineerde zijn team de competitie, de American League East, die sinds jaar en dag geldt als de zwaarste van Amerika, vooral door de eeuwige concurrentie van de Yankees. In de nacompetitie werd eerst vlot afgerekend met de Los Angeles Angels (3-0), waarna de thriller met de Indians volgde.

In de laatste, beslissende wedstrijd (11-2) waren het zondagavond niet de krachtpatsers Ramírez en Ortiz die domineerden, maar de Japanse werpers Daisuke Matsuzaka en Hideki Okajima en closer Jonathan Papelbon, alsmede de spelers Dustin Pedroia en Kevin Youkilis die een homerun sloegen. Daarmee toonden de Red Sox aan een volwassen team te zijn, dat op beslissende momenten niet meer afhankelijk is van zijn sterren.

Vanavond beginnen de Red Sox als favoriet aan de eerste wedstrijd tegen de Colorado Rockies. Het verschil in mentaliteit kan niet groter zijn: de vrolijke anarchisten uit Boston spelen tegen het team met het grootste aantal christelijke honkballers in Amerika. Teammanager Dan O’Dowd van de Rockies selecteert zijn team op integriteit en morele waarden. Elke dinsdag houden de Rockies een bijbelklasje. Of er een verband is, is onbekend, maar het team won 21 van de laatste 22 wedstrijden. Daar willen de Red Sox graag een eind aan maken.

Volg de World Series via http://mlb.mlb.com