De menselijke soort schijnt ook goed te zijn

De kracht van televisie boven geschreven media is, nogal logisch, dat je de dingen, mensen, plaatsen waarover het gaat ook ziet. En zien heeft vaak een intensere uitwerking dan alleen maar in de krant lezen. Zo zagen we gisteravond op Canvas in Sold for nothing het gezicht van het Thaise meisje Am, dat bedrogen was door een kennis van haar moeder die haar een secretaressebaan in Denemarken had beloofd. Moeder zei nu dat ze haar dochter liever niet naar het buitenland had willen laten gaan, maar ja, dat hou je niet tegen. En dat zal ook wel niet, Am had net haar secretaresse-opleiding af, ze was hoger opgeleid geworden dan haar omgeving, ze was modern en jong en ze ging de wereld in. ,,Het was net een droom”, zegt ze. Ze was zelfs nog nooit op het vliegveld geweest, en nu ging ze ín een vliegtuig helemaal naar Europa.

In Kopenhagen werd ze van het vliegveld gehaald door een Thaïse jonge vrouw, Suphanart, die haar meenam naar een kelderwoning. En daar drong tot Am door waarvoor ze hier was.

,,Mijn eerste klant was dik. (…) Ik deed m’n ogen dicht. (...) Ik had het nog nooit gedaan. Het was walgelijk. (…) Ik lag heel stil en ik huilde. Hij trok zich er niets van aan. Hij ging maar door.”

De Deense documentairemaakster nam haar drie jaar na haar ontsnapping mee terug naar Denemarken. Am wil de kelder zien. Hij is leeg nu. Ze wil ook naar het andere adres waar Suphanart, die samenwerkte met een Deense man, haar heen bracht en waar de zaak 24 uur per dag open was. Am werd er vaak ’s nachts gewekt voor klanten. Als ze met een klant boven was liet Suphanart de volgende vast beneden wachten. Allemaal omdat Am een schuld opgebouwd zou hebben van 20.000 Deense kronen die ze moest aflossen. Dus werkte ze braaf en hield in een boekje bij hoeveel ze had verdiend. Tot S. het boekje vond en het weggooide.

Het gezichtje van de vertellende Am is nu vertrokken van verdriet. De tranen stromen onophoudelijk uit haar ogen. Op het tweede adres zit nog steeds een bordeel. Dat vooral is voor haar niet te verdragen. ,,Het gaat gewoon door. Ik dacht dat het voorbij was. Waarom zorgen ze niet dat het ophoudt”, snikt ze.

Op een dag zien Am en het meisje Ann – dat ook onder valse voorwendsels naar de kelder is gelokt - kans om de deur te forceren. Ze gaan naar de politie. Daar wordt ze te verstaan gegeven dat ze illegaal in Denemarken zijn en dat ze werkten zonder werkvergunning. Ze worden het land uitgezet.

Suphanart wordt later gearresteerd en krijgt zes maanden voor ‘illegale inkomsten’. Ze wordt niet veroordeeld voor mensenhandel, mishandeling, vrijheidsberoving, bedreiging met geweld.

Het is geen nieuw verhaal. Maar die bordelen, die meisjes met de weggevaagde verwachting nog op hun gezichten. De meisjes die nú in diezelfde bordelen werken, en beslist niet alleen in Denemarken. De wetenschap dat heel veel mannen gewoon betalen om huilende meisjes te verkrachten. En wat ze doen: ,,Ze knepen en ze beten me. Sommigen beten in m’n tepels.”

In Nova was ongeveer het omgekeerde te zien: een voormalige veiligheidsagent die, anoniem, vertelde hoe hij mensen had geëxecuteerd tijdens de Surinaamse decembermoorden, en een verslag van een ooggetuige die werkte in Fort Zeelandia en die ook de lijken opruimde. Degene die twee mannen geëxecuteerd heeft, zegt: ,,Op dat moment was ’t niets voor ons.”

Dat moet het wel zijn. Dat zal ook voor die Deense mannen gelden. Het was niets voor ze. Ze lieten niet tot zich doordrongen wat ze eigenlijk deden.

Bij Pauw & Witteman was primatoloog Frans de Waal even te zien. Die zei gelukkig dat mensen, net als mensapen, behalve tot veel afschuwelijks ook tot veel goeds in staat zijn. Dat wilde je op dat moment graag even horen.