Flappen voor thuisblijvers

Migranten sturen wereldwijd jaarlijks meer dan 200 miljard dollar naar hun land van herkomst. Toch zien banken geen brood in deze markt.

Het Filippijnse kindermeisje in Singapore, de Pakistaanse kamelenjockey in Dubai of de Chinese restauranthouder in Frankrijk, bijna allemaal hebben ze familie thuis die ze met hun verdiende geld proberen te ondersteunen. Wereldwijd stuurden migranten en gastarbeiders in 2002 voor 232 miljard dollar naar hun landen van oorsprong, aldus de Wereldbank. Migranten in Nederland zijn geen uitzondering. Vanuit ons land vloeide vorig jaar maar liefst 670 miljoen euro naar landen als Marokko, Turkije en Suriname. Deze stroom euro’s is in veel gevallen van levensbelang voor de lokale economieën. In Marokko is eenderde van de geldontvangers geheel afhankelijk van financiële steun door geëmigreerde familieleden in Europa, zo blijkt uit een rapport van economisch onderzoeksbureau Ecorys.

Een interessante markt voor banken, zou je zeggen. Maar nee. Tijdens ‘Mind the Gap’, een internationale conferentie over remittances – banktaal voor internationaal geld overmaken door particulieren – vorig jaar in Amsterdam, lieten ABN Amro en ING weten geen brood te zien in het internationale betalingsverkeer van migranten. Ze bieden het wel aan, maar adverteren er niet mee.

Nederlandse financiële instellingen hebben vaak geen kantoren in Marokko of Suriname en moeten dus samenwerken met lokale banken. Volgens de grootbanken maakt nationale en internationale wetgeving geld overmaken naar landen buiten Europa bovendien tot een moeizaam verhaal. Tel daarbij dat een land als Marokko geen digitaal gironetwerk kent en betalingen dus altijd contant moeten worden gedaan. Dat zorgt ervoor dat overboekingen behoorlijk arbeidsintensief en dus duur zijn.

De houding van de Nederlandse banken heeft ertoe geleid dat allerlei organisaties in de markt voor remittances zijn gesprongen. Western Union is wereldwijd marktleider op het gebied van geldtransfers voor migranten. Ook zijn er in de grote steden in Nederland geldkantoortjes en belwinkels van allerlei allooi die zich specialiseren in geldtransfers naar thuislanden van allochtonen. Zelfs moskeeën houden zich bij gelegenheid bezig met financieel verkeer naar Marokko, zo bleek uit onderzoek van Elsevier. Dat maakt overmaken tot een onoverzichtelijk geheel met sterk uiteenlopende prijzen.

Dat moet nu afgelopen zijn, vinden de mensen achter geldnaarhuis.nl, een site die probeert een overzicht te geven van de kosten die zijn gemoeid met internationale overmakingen. De website is een initiatief van Intent, een organisatie voor economische ontwikkeling in migrantenlanden.

Op geldnaarhuis.nl worden niet alleen de tarieven voor overboekingen vergeleken, maar tevens factoren als de wisselkoers en de snelheid van overboeking. Handig is dat je direct kunt zien wat iemand aan de andere kant van de overboeking overhoudt.

De website toont dat de juiste bank kiezen tientallen euro’s kan schelen. Vooral de Postbank komt op de site als goedkoopste uit de bus, dankzij een eenvoudige tariefstructuur en gunstige wisselkoersen. In remittances gespecialiseerde bedrijven als Western Union zijn vaak het duurst, maar zij beschikken weer over een flink kantorennetwerk waar mensen geld cash kunnen brengen en halen.

De allergoedkoopste manier om geld over te maken staat overigens niet op geldnaarhuis.nl. Heel eenvoudig: vraag een extra europas aan en stuur die via de post naar je familie. Zij kunnen daarmee pinnen bij een lokale geldautomaat. Die opname kost 2 euro en is snel en gemakkelijk.