Donner omzeilt ten onrechte de Kamer

Minister Donner van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft begin dit jaar het zogenoemde `Toetsingskader AVV` aangescherpt. Dat is de regelgeving over het algemeen verbindend verklaren van CAO`s. Het algemeen verbindend verklaren van CAO`s is een middel waarmee de zittende vakbonden en werkgeversorganisaties de bevoegdheid krijgen hun CAO op te leggen aan anderen.

In feite krijgen deze sociale partners hiermee wetgevende bevoegdheden, zonder dat er is voorzien in een andere vorm van verantwoording of bescherming van kleinere partijen.

De recente aanscherping van dit toetsingskader AVV legt nog meer macht bij de traditionele sociale partners. De minister heeft de aanscherping niet voorgelegd aan het parlement, maar aan de Stichting van de Arbeid. Hierin hebben de traditionele sociale partners zitting. Het mag geen verwondering wekken dat het advies van de Stichting van de Arbeid dan ook overwegend positief luidde.

Het is blijkbaar een geaccepteerd fenomeen dat de controlerende functie van de gekozen volksvertegenwoordiging wordt uitgeschakeld ten faveure van enkele negentiende-eeuwse machtsbolwerken.

Stel je voor dat het kabinet regelgeving voorbereidt om nadelige milieueffecten van de chemische industrie tegen te gaan. En stel dat deze regels niet worden voorgelegd aan de Tweede Kamer, maar enkel aan een private stichting waarin de grote chemieconcerns zijn vertegenwoordigd. Het land zou te klein zijn.

Toch is dat precies de situatie in het poldermodel: de overheid staat bevoegdheden af aan partijen die aan niemand verantwoording schuldig zijn, die naar believen hun inzichten opleggen aan anderen en waarbij minderheden geen enkele manier hebben zich te verdedigen tegen dit geweld.