Ziekenhuis op Curaçao lekt

Morgen bezoeken fractievoorzitters van de Tweede Kamer het St. Elisabeth Hospitaal op Curaçao. „Het is een mooi gebouw, maar een ramp als ziekenhuis.”

Het is druk op de EHBO van het Curaçaose St. Elisabeth Hospitaal (Sehos), in het hart van Willemstad. In de hoek van de overvolle wachtruimte draait een ventilator. Patiënten kijken nors voor zich uit. Op een bank zit Maria. Ze is door een auto aangereden en zit onder de schaafwonden. Bibberig kijkt ze naar een verpleegkundige, die haar toesnauwt dat ze binnen moet komen. „Ik wilde helemaal niet naar het Sehos”, zegt Maria, „maar de ambulance heeft me hier gebracht.”

Het Sehos is het hoofdziekenhuis van de Nederlandse Antillen en op Curaçao het enige met een EHBO-afdeling. De fractievoorzitters van de Tweede Kamer, deze weken op bezoek op de Antillen, zullen het ziekenhuis morgen bezoeken. Het hospitaal, in 1855 opgezet door Nederlandse nonnen, huist in een 130 jaar oud gebouw. Bij de entree filtert het tropische zonlicht door glas-in-lood-ramen met religieuze voorstellingen, de centrale hal wordt gekenmerkt door unieke art deco details.

„Het is een geweldig mooi gebouw”, zegt medisch directeur Douglas Pinedo van het Sehos, „maar een ramp als ziekenhuis.” In het Sehos loopt het water op bepaalde plekken uit de plafonds en patiënten mogen blij zijn als ze er geen infectie oplopen. De intensive care is met zeven bedden te vaak vol en momenteel waart een bacterie rond op de couveuse-afdeling, Alle zwangere vrouwen op Curaçao hebben het advies gekregen niet teveel te bewegen, om premature geboorten – en dus opname op die afdeling – te voorkomen.

„Geld is het grootste probleem”, zegt Pinedo. Voor zijn aantreden, twee jaar geleden, kampte het hospitaal decennialang met mismanagement. De ziekenhuisdirectie leefde op voet van oorlog met de specialisten en de schuld liep op tot 21 miljoen euro. Nu is de rust teruggekeerd en is de schuld gehalveerd tot 10 miljoen euro. Binnenkort wordt een nieuwe waterleiding aangelegd om infecties in te dammen.

Maar het blijft lastig. Onlangs kreeg het Sehos voor 2,4 miljoen euro aan apparatuur cadeau van de lokale raffinaderij. Pinedo moest het geschenk in eerste instantie weigeren omdat het tarief voor de behandeling lager was dan de kostprijs van het gebruik van de apparatuur. „Ik wil de afschrijving in het tarief doorberekenen, maar dat mag dan weer niet van de overheid”, aldus de Sehos-directeur.

Curaçao heeft, op een bevolking van 135.000, drie ziekenhuizen. Naast het Sehos met 378 bedden, zijn er ook twee particuliere ziekenhuizen: de Taams kliniek en het christelijke Advent Ziekenhuis, met respectievelijk 52 en 40 bedden.

De Taams kliniek ligt in een rustige buitenwijk van Willemstad. Op het groene gazon naast de kliniek zitten patiënten in de schaduw. Op hun kamer staat een tv en als ze willen kunnen ze in bed met een laptop draadloos internetten. De kliniek wil een medium care unit opzetten. Daardoor zou de intensive care in het Sehos van de minst ernstige patiënten worden ontlast.

„We hebben een vergunning”, zegt directeur Karel Bade van de Taams kliniek, „maar we weten nog steeds niet welk tarief we per bed per dag mogen vragen. Dan kun je wel gaan investeren, maar je weet niet wat je er voor terugkrijgt.”

Sehos-directeur Pinedo vindt het medium care initiatief van Taams geen goed plan. „Ze hebben niet genoeg personeel. Het gaat hen alleen maar om de inkomsten, ze willen de krenten uit de pap. Als het daar mis gaat komt een patiënt toch weer op onze intensive care terecht.”

Maar volgens Bade is de Taams kliniek het enige financieel gezonde Antilliaanse ziekenhuis. „Zonder een stichting of gulle gevers”, zegt hij. „Het is de arrogantie van het Sehos waardoor de gezondheidszorg op Curaçao stagneert.”

In de hal van het Sehos staat een beeld van de heilige St. Elisabeth met aan haar voeten een in vodden geklede zwarte zwerver. Het is veelzeggend voor de missie van het Sehos. De laatste religieuzen mogen tien jaar geleden zijn vertrokken, het ziekenhuis staat nog altijd onder toezicht van het bisdom. Zo mogen er officieel ook geen abortussen worden uitgevoerd. In het Sehos is gezondheidszorg een heilige roeping, terwijl artsen een puur bedrijfskundige benadering hebben. „En dat bijt elkaar voortdurend”, meent een specialist.

Maar ook aan de zakelijke instelling van sommige artsen kleven nadelen. De overheid betaalt aan een groep specialisten maandelijks 2.800 euro voor de behandeling van zogeheten pro-pauper patiënten. Deze groep pp-patiënten bestaat uit 20 procent van de Curaçaose bevolking.

De mate van zorg die pp-patiënten van een specialist krijgen is onduidelijk. Want niet alle specialisten werken even hard voor hun pp-vergoeding. Zo moet een pp-patiënt gemiddeld zes maanden wachten op een afspraak met een oogarts, terwijl een particulier verzekerde binnen drie dagen terecht kan. „Dat is discriminatie binnen de zorg”, zegt beleidsmedewerker Marion Schroen van de Curaçaose GGD. Haar afdeling doet jaarlijks onderzoek naar de wachttijden binnen de zorg en verschillen tussen de diverse groepen verzekerden. „De eilandelijke overheid moet hier veel strenger op toe zien. Nu is die 2.800 euro voor sommige specialisten wel heel makkelijk verdiend, niemand controleert hoeveel zorg pp-patiënten van een specialist krijgen.”

Bij de EHBO in het Sehos is Maria klaar om naar huis te gaan. Als ze nog eens een ongeluk krijgt wil ze liever naar de Taams Kliniek, zegt ze. „Daar lachen mensen tenminste nog tegen je. Hier mag je al blij zijn als het personeel je kan vertellen hoe lang je nog moet wachten.”

Dit is het eerste deel van een drieluik over de Antillen, naar aanleiding van het bezoek van de fractievoorzitters.