Lage dollar haalt beurzen onderuit

De koers van de Amerikaanse dollar ten opzichte van de euro is na een daling vrijdag vanmorgen opnieuw onderuit gegaan. Aanleiding voor de koersval is het uitblijven van overeenstemming tussen de zeven grootste industrielanden (G7) over de noodzaak om de Amerikaanse munt te steunen. In de loop van de ochtend herstelde de dollar weer iets. De dollar noteerde rond het middaguur 70,09 eurocent.

De beurzen in Europa, en daarvoor ook die in Azië, reageerden vandaag negatief op de wegzakkende dollar, en ook op andere zorgen over de Amerikaanse economie. De AEX-index in Amsterdam stond rond het middaguur 1,8 procent lager op 540,86 punten.

Ministers van Financiën en centralebankiers waren dit weekeinde bijeen voor de vergaderingen van de G7 en van het Internationaal Monetair Fonds (IMF). Belangrijk punt op de agenda was de zwakke dollar. Europa en Canada toonden zich bezorgd over de steeds verder wegzakkende dollar. De Canadese centrale bank waarschuwde voor een „flinke crisis” als de dollar in een vrije val raakt. De koersstijging maakt exportproducten voor de Amerikaanse markt duurder.

Maar het effect is breder. Omdat veel landen hun munt formeel of informeel aan de Amerikaanse dollar gekoppeld hebben, worden exportproducten voor deze andere landen ook duurder.

Precies om deze reden ontstond geen overeenstemming om de dollar te steunen. Veel Aziatische landen met een aan de dollar gekoppelde munt hebben minder of geen last van de zwakke dollar. Zij delen de zorgen van Europa en Canada dus in mindere mate.

IMF: pagina 11