Een wereldwijd Spaans dagblad

Een eerdere poging om Mexico te veroveren mislukte. Nu wordt de restyling van de Spaanse krant ‘El País’ aangegrepen voor een nieuw offensief in Latijns-Amerika. Ook de concurrentiestrijd in eigen land kon nieuw elan gebruiken.

Vanaf gisteren is de wereld een Spaanstalige Herald Tribune rijker. Dat althans lijkt een belangrijk doel van de omvangrijke restyling en inhoudelijke opfrissing die door de Spaanse kwaliteitskrant El País in gang is gezet. Onder de titel is de leuze ‘onafhankelijk ochtenddagblad’ vervangen door een ambitieuzere slagzin: ‘het wereldwijde dagblad in het Spaans’. Wie de krant gisteren kocht kreeg een gratis horloge.

,,Het is een herlancering’’, zo verklaart hoofdredacteur Javier Moreno de ambities van de breed aangekondigde veranderingen. Eenendertig jaar na de oprichting is het journalistieke vlaggenschip van Spanje aan een grondige vernieuwing toe. En die gelegenheid heeft uitgever Prisa aangevat om de internationale markt te gaan veroveren.

Met verschillende drukkerijen verspreid over Europa en Latijns-Amerika is El País al wereldwijd verkrijgbaar. Maar de verkoop van 40.000 exemplaren per dag buiten Spanje, negen procent van de totale gedrukte oplage, moet stevig groeien, aldus Moreno. Een doelstelling wil de hoofdredacteur niet noemen, maar een extra bezetting van correspondenten en speciale, ingevoegde, secties in de Latijns-Amerikaanse oplage moeten de internationale markt verder ontwikkelen, eerst en vooral in Mexico en Argentinië. Tevens bestaat belangstelling voor de latino-markt in de Verenigde Staten.

De aanpassing van vormgeving en inhoud mag volgens de hoofdredacteur ingrijpend genoemd worden. De pagina’s kennen een meer open, minder volgepropt karakter, waarbij meer plaats is ingeruimd voor beeld en graphics. De vertrouwde, maar gedateerde Times Roman letter is vervangen door de nieuwe Majerit, een typografisch ontwerp van de Portugees Mario Feliciano. In de nieuwe indeling blijven de buitenlandpagina’s onmiddellijk na de voorpagina geplaatst, maar worden gevolgd door binnenland en economie. De opiniepagina’s, nu na buitenland, schuiven door naar achteren.

Inhoudelijk worden de zaken eveneens opgefrist. Het institutionele nieuws, dat een taai leven leidt in de Spaanse journalistieke cultuur, moet volgens Moreno op de schop. „Minder verklaringen, minder persconferenties en andere ruis, meer eigen nieuws en achtergrondverhalen”’, aldus de hoofdredacteur. „En, misschien nog wel het moeilijkste, vlotter opgeschreven om een jongere lezers te trekken”. Ook wordt verder geïnvesteerd in de reeds stevig aanwezige internetsite: „De papieren krant heeft nu zo’n twee miljoen lezers tegen dagelijks 780.000 unieke bezoekers op internet. Maar de groeipotentie zit in internet. Mensen tussen de 15 en 20 lezen de krant op een scherm. Dat is de toekomst”.

De opeenstapeling van doelstellingen is gericht op de langere termijn. El País is een slagschip dat nu eenmaal niet zo snel van koers verandert, aldus de hoofdredacteur. „De veranderingen zijn nu begonnen. Het is een proces dat jaren gaat duren”.

De herlancering van El País valt uitgerekend nadat het Spaanse medialandschap eind vorige maand werd verrijkt met het nieuwe ochtendblad Público dat zich, net als El País, richt op het vooruitstrevende publiek. In de sterk door politieke banden bepaalde media ging dat laatste niet zonder tumult. El País’ uitgever Prisa is verwikkeld in een verbeten strijd met Público-uitgever Mediapro over de televisierechten van de Spaanse voetbalcompetitie. Prisa-topman Juan Luis Cebrían en de socialistische oud-premier Felipe González spraken bittere woorden over de linkse regering Zapatero, die Mediapro zou voortrekken in deze zogenaamde voetbaloorlog. De goede verhoudingen tussen El País en de socialistische partij leken danig verstoord, het nieuwe Público werd uitgemaakt voor een nieuw mediakanaal van links. Met de herlancering toont El País zijn spierballen tegenover de kleine nieuwkomer.

Hoofdredacteur Moreno ontkent echter dat de veranderingen in gang zijn gezet door de introductie van Público. „Daarvoor hebben we een te traag reactievermogen”’, aldus Moreno. In het voorjaar van 2006 werd hij volgens eigen zeggen reeds speciaal benoemd om de herlancering van de krant ter hand te nemen. Volgens hem is tot dusver het effect op de verkoop door de nieuwe linkse concurrent amper waar te nemen.

De internationale ambities van El País wekken enige verbazing. Een poging in 1994 om de Mexicaanse markt binnen te dringen, nota bene met Moreno als lokale correspondent, mislukte faliekant. De Mexicaanse economie stortte in, een samenwerkingsverband met een lokale krant werd opgezegd.

De distributie van landelijke kranten in Mexico bleek een groot struikelblok. De situatie in Latijns-Amerika is volgens Moreno nu beter, al kan hij geen enkele garantie geven dat het dit keer wel lukt. „Maar we hebben geleerd van onze vorige fouten”, aldus de hoofdredacteur.

De aftrap voor het veranderingsproces van El País is gegeven. Hoe de krant er over een paar jaar uit zal zien kan Moreno zelfs bij benadering niet zeggen. „Dat ligt een beetje als het antwoord van de Franse schrijver François Mauriac op de vraag wie hij had willen zijn als hij het over zou kunnen doen: ikzelf, maar dan geslaagder. We willen worden wat we nu zijn, maar dan alleen het beste van iedere dag”.