De ‘h’ mag in de beker: South Africa is kampioen

Zuid-Afrika is voor de tweede keer in de geschiedenis wereldkampioen rugby geworden. In Parijs werd Engeland zaterdagavond met

15-6 verslagen. „Dit is een belangrijke zege voor ons land.”

Elsje Jorritsma

Rotterdam, 22 okt. - Het is zaterdag even na elf uur ’s avonds als aanvoerder John Smit de Zuid-Afrikaanse president Thabo Mbeki wenkt om samen met hem de wereldbeker omhoog te tillen voor de tienduizenden Zuid-Afrikaanse fans in het Stade de France in Parijs. Zuid-Afrika is wereldkampioen rugby, voor de tweede keer in de geschiedenis. Na een ononderbroken reeks overwinningen in het toernooi was het fysiek sterke en snelle team ook in de finale te sterk voor de vorige wereldkampioen, Engeland .

De overwinning (15-6) roept bij spelers en toeschouwers herinneringen op aan de legendarische winst in 1995. Zuid-Afrika had toen net een einde gemaakt aan het apartheidssysteem en Zuid-Afrikaanse sporters werden weer toegelaten tot internationale wedstrijden. Met vrijwel onmiddellijk succes voor het nationale rugbyteam, de ‘Bokke’. Het moment dat toenmalig president Nelson Mandela, gekleed in de nationale groen-gele kleuren, de beker uitreikte aan het – voornamelijk blanke – team, was een van de hoopvolste in het bestaan van de jonge democratie.

De zege van dit weekend is evenmin alleen een sportieve overwinning, zei coach Jake White van Zuid-Afrika. „Het is belangrijk voor ons land, en ik denk dat iedereen thuis dolblij is. Om de president van ons land te zien zitten op de schouders van de spelers; veel beter wordt het niet.”

Het is geen verrassing dat Zuid-Afrika de Engelsen versloeg. De twee teams waren elkaar al eerder tegengekomen in het toernooi. Ze zaten in dezelfde poule, en de Bokke verpletterden de wereldkampioenen met 36-0. De Engelse coach Brian Ashton zei na afloop van dat duel: „Verslagen worden is één ding, ‘genuld’ worden is vernederend.”

Na die wedstrijd – en ook gezien de weinig overtuigende overwinningen op de Verenigde Staten, Samoa en Tonga – leek Engeland uitgespeeld. Dat lag in de lijn der verwachting. Al voor het toernooi gaf niemand de winnaars van 2003 een kans, omdat het team de jaren tussen de twee toernooien ondermaats had gepresteerd.

De ommekeer kwam toen Engeland in de kwartfinales van het wereldkampioenschap kanshebber Australië versloeg. Dat land speelt, net als de andere landen van het zuidelijk halfrond Nieuw Zeeland en Zuid-Afrika, een aantrekkelijk soort running rugby, waarin fysieke kracht wordt gecombineerd met het snel en in afwisselende patronen rondspelen van de ovalen bal.

De Engelsen zetten daar een grimmige en vastberaden speelwijze tegenover, gedomineerd door sterke voorwaartsen die de bal stap voor stap voortdrijven richting de achterlijn van de tegenstander. Lelijk rugby, volgens velen, maar die kritiek deerde het team niet. „We spelen naar onze mogelijkheden”, verdedigde coach Ashton de speelstijl. Toen Engeland vorige week tot verbijstering van velen gastland Frankrijk in de halve finale versloeg, verstomde de kritiek.

Tegen Zuid-Afrika bleek het arsenaal van Engeland te beperkt. De Bokke waren in de finale vrijwel foutloos in de verdediging. Ook in de line-outs, de inworp die belangrijk is voor balbezit, domineerde Zuid-Afrika. Toch lukte het Zuid-Afrika niet Engeland te overklassen, zoals in de vorige ontmoeting op dit WK. De wedstrijd was lange tijd in evenwicht, en de Engelsen slaagden erin de gevreesde snelle renners van Zuid-Afrika grotendeels onschadelijk te maken. Mede daardoor werd de hele wedstrijd geen try gescoord. Alle punten kwamen uit strafschoppen.

Een belangrijk moment in de wedstrijd deed zich vlak na rust voor. Bij een stand van 9-3 voor Zuid-Afrika leek Engeland op te leven na een fantastische spurt van Mark Tait die eindigde met Mark Cueto die een try maakte. Dacht hij. Na lang beraadslagen besliste de scheidsrechter, die de beelden op video terugzag, dat Cueto’s voet over de zijlijn was gekomen. Geen try. Dat was het keerpunt in de wedstrijd. Hoewel de Engelsen tot het laatst coherent bleven spelen, was Zuid-Afrika oppermachtig.

Dat wist ook de graveerder die de naam van de wereldkampioen in de trofee moest graveren. Toen de scheidsrechter na tachtig minuten floot, was hij al bij de ‘h’ van ‘South’.